Will Wil Wel: Campingtoer
“Let op”, zei Rob Out toen we jaren geleden samen op een terras in Loosdrecht zaten, en hij een grote bruine enveloppe uit zijn koffertje haalde.
“Waar moet ik op letten?”, vroeg ik, want ik heb in mijn leven al een heleboel bruine enveloppen gezien.
“Op de foto die ik nu te voorschijn haal”, zei hij en voegde de daad bij het woord.
“Wat moet dit voorstellen”, riep ik. “Een caravan?”
“Nee Luik, dit is jouw bühne.”
“Mijn wat?”
“Jouw podium!”
“Oh.”
“Het theater waar jij de zomermaanden mee langs de campings van Nederland trekt.”
“Als er vier man in dat ding zitten is ‘ie vol. Ik hou van exclusiviteit, maar dit is wel heel erg kleinschalig.”
“En wat denk je hier van”, zei Rob terwijl hij een tweede foto uit de enveloppe pakte.
“Kijk… Dat ziet er even anders uit!”, riep ik. “Als artiest had ik liever iets gehad met een grote showtrap, een orkestbak en een kleedkamer met een goed gevulde bar… Maar het kan er mee door. Wat heeft foto één eigenlijk met foto twee te maken?”
“Zelfde kar”, antwoordde Out. “Maar dan uitgeklapt. Een soort wonderblokkendoos waar steeds andere wandjes uitkomen.”
“En dan heb je opeens een bühne…”
“Heel goed Luik, en daar ga jij de campings van Nederland mee langs.”
“Oh… en wanneer begin ik?”
“Over twee weken.”
“Mooi… en wat ga ik doen?”
“Leuke dingen.”
“Met wie?”
“Wat dacht je van een band?”, stelde Rob voor.
“Dat wordt dan een mannetje of vier, want we hebben niet veel ruimte.”
“En een solist.”
“Mannetje of één.”
“Een promotieteam.”
“Heel goed… Vrouwtje of vier.”
“Kraampje om Veronica-artikelen te verkopen, kraampjes met een paar sponsers…”
“Daar is over nagedacht”, besefte ik, “daar hebben jullie over vergaderd.”
“Nee hoor… Het kwam een paar dagen geleden in me op.”
“Gelukkig, zo ken ik je weer… Biertje?”
“Graag. Doe je het?”
“Tuurlijk. Maar onder één voorwaarde..”
“En dat is?”
“Dat ik een paard mee krijg.”
“Waarom is dat?”
“En dat er een spot wordt gedraaid van ‘Hooggeëerd publiek, welkom bij het Veronica Circus en hier is uw presentator Will Luikinga!’ En dat ik dan op zo’n camping op een paard uit de bosjes kom…”
“Gaat niet, maar ik heb nog wel een oud brommertje staan met een rugzak waar een tentje in past. Die mag je van me gebruiken.”
“Hoezo?”
“Omdat het de Veronica Camping Toer gaat heten en… omdat ik vroeger op dat brommertje…”
“Ik begrijp het… Pilsje?”
De in Groningen geboren Will Luikinga (30 juli 1943) is al in zijn jeugd verslingerd aan muziek. Op zijn tiende leert hij saxofoon spelen, gevolgd door de klarinet, piano en dwarsfluit. Al snel weet hij die voorliefde te combineren met een passie voor media; hij studeert aan het Instituut voor Perswetenschappen en werkt als redacteur voor muziekbladen als Muziekparade en Televizier. Maar na een jaar of drie besluit hij zich volledig op zijn carrière als muzikant te storten. Hij is onder meer lid van de groep Roecks Family (later Ginger Ale), die in 1969 een hit scoort met het nummer The Flood.
Zodoende wordt Will een veelgeziene gast in de Veronicastudio. Tijdens zijn bezoekjes blijft zijn basgeluid niet onopgemerkt en na een stemtest laat Rob Out de Ginger Ale-saxofonist plaatsnemen achter de radiomicrofoon, in augustus 1969. Amateur diskjockey is hij nooit geweest, maar als de zeezender een nieuwe diskjockey nodig heeft omdat ze in de weekeinden ook ’s nachts gaat uitzenden, heeft Luikinga een vaste aanstelling te pakken. Iedere vrijdag-, zaterdag- en zondagnacht van 2 tot 6 uur presenteert ‘Will Weyman’ het programma Nachtklup. Daarbij runt het multitalent ook de Veronica persdienst; hij verzorgt documentatiemateriaal en onderhoudt het contact tussen Veronica en de luisteraars.
In 1970 maakt de legendarische radioshow Will wil wel zijn debuut. Tot en met 1997 – de laatste jaren op Radio 538 – weet dit middagprogramma de luisteraars te vermaken met plaatjes, praatjes en quizjes. Luisteraars die het geluid van een spruitje of schemerlamp moeten nadoen; niets is Luikinga te dol. Door de jaren heen brengt de jolige radiomaker slechts kleine veranderingen aan, zoals het postcodespel en de fruitautomaat Harry. Maar de rasdiskjockey kent de kracht van de herhaling; jarenlang gebruikt hij de stokoude jingle ‘Luikinga, Luikinga… Jongetje wat doe je daar?’
Als in 1971 het eerste Veronica Blad verschijnt, schrijft Luikinga zijn eerste Will wil wel column, wat hij bijna dertig jaar volhoudt. Sommige mensen werden alleen lid van de gids vanwege zijn column! Optreden voor publiek zit Luikinga echter ook nog steeds in het bloed. Naast radio maken en schrijven doet hij jarenlang enthousiast mee aan de Veronica Drive-In Shows, en ook voor het Veronica voetbalelftal zet hij zich fanatiek in.
Als de zeezender in 1974 uit de lucht gaat heeft Luikinga genoeg te doen. Hij is producer van The Buffoons en van ene Leen Huyzer, de Rotterdamse monteur die doorbreekt onder de naam Lee Towers. Ook schrijft hij songteksten, zowel voor zijn eigen band (de nummers Get yourself a ticket en The Flood) als voor andere artiesten, bijvoorbeeld Papa was a poor man voor Jack Jersey (1974) en Verliefd verloofd getrouwd voor Frank en Mirella (1973). In 1975 wint het door Luikinga geschreven liedje Ding-a-dong van Teach-In het Eurovisiesongfestival.
In 1982 is Will wil wel terug op de radio, en als Veronica televisie-uitzendingen gaat maken is Luikinga van de partij. Met twaalf man een radio- en tv-station runnen? “Geweldig!” Hij produceert onder meer De wonderbaarlijke wereld van Will (1977), de satirische show Hollanders waarvoor hij sketches en liedjes schreef, De Patsboemshow (1986-1987), een talentenjacht voor talentloze mensen, Baas boven baas (1988) en Ha die dieren (1991). Het programma De Pyjamaparty (1988) zal Luikinga nooit vergeten: “Alles wat mis kon gaan in deze live uitzending ging mis. Als ik eraan terugdenk, breekt het zweet me opnieuw uit.”
Al met al heeft zeezenderperiode de meeste indruk gemaakt op Luikinga. Hij toont zich een ware Veronicaan: “Ik ben altijd voorstander geweest van vrije radio. Ik regel mijn zaakjes zelf, zonder dat iedereen zich daarmee moet bemoeien. Leve de vrije concurrentie!” Als eind 1992 het commerciële Radio 538 van start gaat is Luikinga dan ook één van de Veronica-dj’s die overstappen. Zijn programma Will wil wel verhuist met hem mee.
Per 1 oktober 1997 stopt Luikinga bij 538; volgens sommigen valt hij buiten de doelgroep van de zender. Zelf wil hij ook wel eens wat anders: “Ik werk inmiddels met technici die nog niet waren geboren toen ik Will wil wel al deed. Ik ben door het programma een soort instituut geworden.” Maar geen afscheidsfeestjes voor Luikinga: “Als ik wil kan ik over twee jaar nog terugkeren…”
Will Wil Wel door de jaren heen
jaren 70
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Jaren 80
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Jaren 90
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Eind 1999 stopt Luikinga ook met zijn column in het Veronica Blad. Hij neemt zich voor een punt te zetten achter zijn mediacarrière, maar al snel zwicht hij voor Radio Gooiland (in 2000) en later maakt hij voor Radio 192, waar “een heleboel programma’s weer klinken zoals vroeger bij Veronica”, weer dagelijks een programma – nu vanuit het Spaanse Benidorm.
De mooiste periode? Dat blijft voor Will Luikinga toch het begin, als hij in 1969 het piratenteam komt versterken. Hij herinnert zich de eerste keer dat hij het schip ziet: “Wat een klein rotbootje, dacht ik, en de studio was een kippenhok.” Maar het kleine clubje had juist zijn charme. “We waren met een paar dj’s, wat meiden van discotheken, een paar op reclame, en de matrozen natuurlijk. Dat is echt het Veronica voor mij. Later, als ik met wat oudere jongens van het schip in de kantine zat, liep er opeens honderd man met een bordje. Geen idee wie het allemaal waren.”
Luikinga leert Rob Out kennen bij het blad Muziek Parade, waarvan hij redacteur is. Out werkte bij een theaterbureau in hetzelfde gebouw. “Een beetje lachen na het werk, je kent het wel. Rob werkte toen al bij Veronica op de Zeedijk, dus ik kwam wel eens in de studio.” Met zijn bandje, Roeck Williams and the Fighting Cats, treedt Luikinga op tijdens de drive-in show. Je hebt een mooie donkere stem, zegt Out op een gegeven moment; geknipt voor de nachtuitzending. Dus stuurt hij Luikinga naar de studio om een paar plaatjes aan te kondigen. “Volgens mij ging dat heel slecht”, herinnert deze zich, maar een week later heeft hij een nachtprogramma.
Tegelijkertijd dient zich een grote kans aan: de instrumentele band Exception wil Luikinga als saxofonist. “Die jongens verdienden vreselijk veel geld, per maand wel drieduizend gulden. Ze waren heel beroemd in Europa, en ik verdiende 250 gulden bij Veronica”, vertelt hij. Achteraf is Luikinga blij dat hij voor Veronica gekozen heeft: “Weet jij nog hoe de saxofonist van Exception heette?”
Aanvankelijk gebruikt Luikinga de schuilnaam Will Weyman. “Dat was niet mijn schuld”, zegt hij snel: “dat had de secretaresse van Rob Out bedacht. Iedereen had een schuilnaam, dus ik moest er ook een. Ik vond het flauwekul.” Dan komt hij met het programma Will wil wel. Even heeft de diskjockey getwijfeld: is dat niet te ordinair? “Maar vanaf toen heette ik gewoon Will Luikinga.”
In de tijd van de grote quizzen zorgt Will wil wel met Harry de gokautomaat voor enige relativering. “Ik maakte van de quiz iets belachelijks. Dat zit eigenlijk in alles wat ik doe: je moet zelf maar uitzoeken of ik serieus ben of dat ik het als grap bedoel.” Niet alle luisteraars hadden dit even goed door. Zo liet Luikinga mensen eens vier autobanden brengen. “Alles deden ze. Ik beloofde in mijn programma eens een prijs aan de eerste die morgen met een koe op het Leidseplein zou staan. De volgende dag stonden er dus twee koeien.”
Die truc probeerde hij ook eens tijdens een radioshow op de huishoudbeurs. De eerste die hier komt met een koe, zou tien muntjes krijgen om te spelen op Harry. Een verontruste directeur liet Luikinga voor het programma begon even langskomen op zijn kantoor. “Die man zat met z’n rug naar het raam. Ik zat tegenover hem en keek zo uit op de binnenplaats van de RAI. Nee meneer, die mensen zijn toch niet gek, stelde ik hem gerust. Op dat moment zie ik een veewagen het terrein oprijden. Er komt een man uit met een stok en een koe. Snel kwam iemand die koe er weer injagen en de auto reed weg. Die directeur zal wel gedacht hebben, wat zit die kerel te lullen. Hij heeft niks doorgehad.”
Het spel met de fruitautomaat is bij toeval ontstaan. ‘Harry’ is afkomstig uit een Engelse kroeg. Toen de penny eruit ging, waren deze gokkasten voor weinig geld te koop. “Je kon ze laten ombouwen voor guldens, dus ik had er één gekocht. Hij werd bezorgd in de studio. Voor de gein gooide ik er een muntje in. De creativiteit begon bij Veronica vaak op de gang, of op de trap.” Luikinga had het apparaat gemanipuleerd, zodat er elke drie keer wat uitkwam. Harry van Doorn, de minister waarnaar de fruitautomaat is vernoemd, was overigens de peetoom van Luikinga’s vrouw. “Ik heb hem dus nog eens beloofd dat ik goed voor haar zou zorgen. Daarna is het een beetje uit de hand gelopen…”
Tegenwoordig staat de gokkast in het Omroepmuseum. Toen hij bij Radio 192 werkte heeft Luikinga Harry nog eens van stal gehaald: “Ik moest allemaal papieren tekenen, dat ik hem heelhuids zou terugbezorgen. Die man zei heel trots: ik heb hem helemaal gerepareerd! Maar zonder die ratels heb je er voor de radio niks meer aan.”
Ondanks hun grote populariteit hadden de Radio Veronica dj’s helemaal niet in de gaten hoe beroemd ze waren. “Joh, je ging gewoon lekker je programma maken.” Luikinga herinnert zich de actie ‘Veronica blijft… als u dat wilt’. “Hebben we op een middag aan boord bedacht. Toen we aan land kwamen bleek opeens heel Nederland op z’n kop te staan. Op het schip was er natuurlijk geen contact met de buitenwereld. Alleen in geval van nood mochten we Scheveningen bellen.”
Mensen herkenden de Veronica diskjockeys bovendien vooral van stem. Dat leverde wel eens problemen op. Luikinga herinnert zich een drive-in show in een grote feesttent op een kermis. Tom Mulder en hij melden zich bij de organisatie, maar krijgen te horen dat ‘iedereen wel kan zeggen dat ‘ie van Veronica is’ en ze komen er niet in. Ondertussen loopt de zaal vol, het begint al aardig te loeien, en de technici draaien de plaatjes. “Stonden wij lekker ergens een biertje te drinken, komt die man er weer aan. Had ‘ie ons toch wel nodig.” Andersom gebeurde het ook dat mensen probeerden gratis binnen te komen. “Dan kwam er iemand naar ons toe: Deze man zegt dat ‘ie Lex Harding is.”
Onherroepelijk naderde dan toch het einde van de zeezender. Emotioneel? Voor Luikinga niet echt. “Je was erop voorbereid”, vertelt hij, “er was al zoveel emotie geweest het jaar ervoor. 18 April heb ik op het Malieveld gepresenteerd, ontzettend leuk vond ik dat.” De laatste uren maakt hij niet aan boord mee, maar in de studio. “Het laatste uur kwam er een bommelding en zaten we uiteindelijk in de tuin van het Laapersveld bij een autoradio naar dat laatste gedeelte van Radio Veronica te luisteren.”
Ook aan Veronica’s publieke omroepperiode bewaart Will warme herinneringen, met name aan de zomertours langs de Nederlandse campings. “We begonnen met een klein uitklapbaar karretje. De laatste jaren gingen we met een grote crew en zo’n megatruck op pad, met artiesten als Albert West, Bartje Boos en Nico Haak. Iedereen bleef overnachten; dolle pret.”
Luikinga is één van de weinige dj’s die voor de VOO ook televisie gaat maken. “Ik moest natuurlijk weer een quiz doen. Tijdens het monteren zagen we dat de opnames verschrikkelijk waren. Het kon echt niet.” Hij besluit het maar eerlijk aan Rob Out te vertellen. Die avond neemt Luikinga plaats voor de camera, zegt dat hij een quiz heeft gemaakt, maar dat die te slecht is om uit te zenden: volgende keer beter. Veronica had altijd een noodgreep als er iets mislukte; dan werd er gewoon een popconcert uitgezonden. “Dat was helemaal niet normaal in Hilversum!”
“Op een gegeven moment kreeg je nachtfilms in het weekend. Elke omroep moest die na z’n normale programmering aan- en afkondigen. Out wilde dat we dat allemaal probeerden, en als je het aardig deed moest je het maar blijven doen. Ik vond dat helemaal niks. Dus toen ik in dat hokje zat en het rode lampje ging branden, deed ik helemaal niets. De regisseur begon wild te gesticuleren. Na een minuut of twee zei ik: ‘Mij hoor je niet vanavond’. De volgende dag moest ik bij Out komen. Eruit, zei hij. Ach, hij heeft me wel tien keer ontslagen.”
In 1975 schrijft Luikinga het winnende liedje voor het Eurovisiesongfestival, Ding-a-dong. “Dat was lachen”, vertelt hij. “We stonden zo ver voor dat het allang zeker was dat we gingen winnen, maar het duurde heel lang voor ik het besefte.” Tegenwoordig vindt Luikinga het festival niet zo leuk meer. “Het was de laatste Elfstedentocht. Ik vind dat ze gewoon met klompen aan de vogeltjesdans moeten doen.” Dat het ook een kwestie van geluk is erkent Luikinga wel: “Een liedje dat ik later schreef was tien keer zo goed en dat kreeg nul punten.”
Vaste prik op zondagavond was bijna dertig jaar het schrijven van de column voor het Veronica Magazine. Waar haalt Luikinga zijn inspiratie vandaan? “Mensen zeggen altijd: wat beleef je veel, ik beleef nooit wat. Dat is onzin. Iedereen maakt dingen mee, maar pas als je een column schrijft ga je het als onderwerp zien.”
Diskjockey, televisiemaker, muzikant, columnist… Hoe ziet Luikinga zichzelf eigenlijk? “Ik ben waar ik op dat moment mee bezig ben. Ik heb ook periodes dat ik me het lazarus loop te filmen en dagen achter de pc zit te knippen en te plakken. Dan sta ik op het punt om een hele dure camera aan te schaffen en opeens is het afgelopen. Dan ken ik het kunstje.”
Hoewel hij met het Veronica van nu niet meer zoveel heeft, blijft het Veronicagevoel Luikinga zijn hele leven bij: “Je voelt je toch een beetje verbonden met elkaar. Als ik mensen van vroeger tegenkom hebben we het meteen weer heel gezellig. Maar dan hebben we het eigenlijk nooit over meer Veronica.” Volgens Luikinga gaat het dan ook meer over een periode dan over het station: “Wij waren flowerpower, vrijgevochten idioten allemaal. Een heel andere cultuur dan nu. Veronica paste precies in die tijdgeest. Dat mensen je en jij zeiden, dat was helemaal nieuw. Ik kon ook gewoon zeggen dat ik de avond ervoor nogal was doorgezakt en hoofdpijn had, en het kalm aan deed vandaag.”
Op die vrijgevochtenheid komt Luikinga even later terug. “Er werd gewoon hard gewerkt. Je kon doen wat je wilde, als het programma maar op tijd af was. Het was niet zo’n losgeslagen zooi als iedereen denkt.” Uiteindelijk ging het erom dat je jezelf was, besluit hij. Het duurde wel een jaar voordat hij dat kon. “In het begin schreef ik m’n teksten van tevoren en die las ik dan op. Maar dat was helemaal niet de bedoeling. Als je niet jezelf bent val je onherroepelijk door de mand, en dat geldt voor het hele leven. Dat heb ik geleerd bij Veronica.”
Op zijn zestigste besluit Luikinga voor de tweede keer dat het mooi is geweest, maar opnieuw blijkt dat ‘Will wel weer wil’. Op 20 juni 2005 maakt hij zijn tweede radiocomeback op het Nederlandse ‘oldies’ station XtraFM aan de Spaanse Costa Blanca, wederom met zijn oude succesformule. Ook schrijft hij af en toe weer een column voor het meest gelezen Nederlandstalige blad van de costa, De Week. Om af te sluiten met de slotzin die Luikinga zelf meer dan twintig jaar gebruikte: “Rij en radio voorzichtig, denk aan mij!”
Tegen het einde van de maand augustus begint het bij de Veronicafans van het eerste uur te kriebelen. Soms wordt er een cd uit de kast gehaald met het laatste uur van de piraaten de beroemde toespraak van Rob Out,of komen oude plakboeken te voorschijn met foto’s van veel mensen die door Den Haag lopen en een schip dat op het strand van Scheveningen ligt. Ensoms….. wordt er een reünie gehouden voor personeelsleden van de zender
Meestal gebeurt dat in hotel Lapershoek,het gebouw waar ooit de studio’s waren gevestigd van radio Veronica en waar we tijdensde laatste jaren van het station geschiedenis schreven. Het balkon waar Rob Out verscheen om de menigte die zich in de tuin had verzamelt toe te spreken is verdwenen. De directiekamer waar gescholden ,gevloekt,maar ook veel gelachen werd, is een restaurant gewordenen de kamer waar Lex en ik tegenover elkaar een bureau hadden is nu een luxe suitewaar je voor een paar honderd eurie de nacht kunt doorbrengen,terwijl wij daar voor niks op de grond sliepen als het weer eens uit de hand was gelopen. Op29 augustus was het weer zover. Een reünie en ditmaal alleen voor de mensen die bij Veronica werkten toen het nog een zeezender was.
In principe ben ik niet zo’n reünie-ganger. De mensen waar je niks mee had zie je nooit en de mensen die iets meer waren dan alleen maar collega’sspreek je nog regelmatig .Wat dat betreft is zo’n zeezender net een normaal bedrijf. Bij de ingang stond gelukkig geen doos met geplastificeerde naamplaatjes want dan is er niks meer aanzo’n bijeenkomst Je ziet dan meteen via het naamplaatjewie de oude verschrompelde kalende man is en je hoeft alleen maar te zeggen –Wat zie jij er goed uit Koos!Je bent geen spat verandert- om vervolgens door te lopen naar de bar. Toen ik binnenkwam was het al redelijk druk en behalve de oud werknemers waren er diverse artiesten uit die tijd aanwezig,waarvan er een ,te weten Harry van Dongen die later op de avond uitvolle borst het bekende lied-Jij bent voor mij Veronica- zong. De andere artiesten, zoals Ben Cramer ,Anneke Grönloh en Ria Valk zongen niet en terecht want dat hebben ze vroeger al genoeg voor ons gedaan!
Tijdens het optreden van Harry begon Tineke spontaan te dansen en gooide en passant een glas rode wijn over mijn overhemd. Om vlekken te voorkomen wierp ze daarna een glas witte wijn tegen mijn borst en terwijl de wijn langzaam in mijn broek sijpelde dacht ik –je bent weer helemaal thuis Luik- Om zes uur werd Ome Bull binnengereden .Hij wordt over een paar weken honderd jaaren kan na een valpartij niet meer lopen. Ooit heeft Lex Harding tegen Ome Bull gezegd –als u honderd wordt geven we een groot feest- ,maar omdat we toch bij elkaar waren en je weet maar nooit,werd de verjaardag een tikkie te vroeg gevierd! Tineke hield een toespraak en ik weet niet of de jubilaris precies begreep wat er allemaal werd gezegd maar de aanwezigen hadden het helemaal door. Toen Ome Bull ook nog een mooie medaille kreeg omgehangen een iemand en borrel voor hem inschonk was het weer net als vroeger.Honderd of niet ……leve de lol!
Bij de ingang van het zaaltje stond een mijnheer uit Smilde met een heleboel foto’s van vroeger en een poster van het schip met bijna alle handtekeningen van de medewerkers uit die tijd. Ik stond er nog niet op en toen ik op zijn verzoek Will wil wel tussen de masten van het zendschip had gezet ,vroeg ik hem waarom hij niet even naar binnen kwam om een neut te drinken . Helaas ,pindakaas -dat mag niet ….verboden- ,antwoordde hij . Ik heb hem en zijn vrouw de rest van de avond maar voorzien van drankjes en wat collega’s naar zijn tafeltje in de gang gestuurd. Want voor bijna iedereen had hij een mapje met wat foto’s van vroeger gemaakt.
Toen ik ’s avonds, moe maar voldaan,naar huis reed dacht ik. Als Rob Out er nog zou zijn …. en er was een man uit Verweggestein naar een reünie gekomen om ons wat aan te bieden…… Ik denk dat die man dan‘s avonds niet meer naar huis zou hoeven te rijden,maar dat hij de nacht mocht doorbrengen in een kamer in het hotel……
Ik woon tegenwoordig veel en regelmatig in Spanje en dat is een paradijs voor radioliefhebbers. Elk dorp, elke stad heeft hier zijn eigen radiostation en als het een beetje meezit een stuk of drie…
Altijd illegaal, maar daar doen ze hier niks aan want waarom zou je. Er zijn om de paar maanden wel wat mannetjes ,en heel vaak Nederlanders,die denken,wat Rob Out en zijn maatjes ooit hebben gedaan,kan ik ook.Ze kopen een zender, halen wat muziek van internet, geven het station de naam van hun vrouw of vriendin en twee maanden later is het over …En wat dan?
Kun je altijd nog een teeveezendertje beginnen, want dat gaat hier ook heel makkelijk. Geen hond die er naar kijkt maar Burlosconi is ook ooit zo begonnen en wie niet waagt die wint nooit! Ik zie dat komen en gaan van de amateurs met een glimlach aan en roep, als ze bij me komen om mee te doen met een smile maar nooit voor de bijl, dat ik geen tijd heb. Druk druk druk met niks!
Maar vorige week zat ik in mijn stamkroeg in het dorp en toen ik hoorde dat Radio Caroline hier vanaf september gaat beginnen met uitzendingen. Kijk,dat is andere koek! Want radio Caroline is, na Veronica, mijn alltime favorite. Dat waren de jongens die aan boord van een krakkemikkige boot door bleven gaan toen wij allang in onze luie landrottenstoel bij de Hilversumse omroepen zaten. De boys die niet of nauwelijks te eten hadden en vanuit de lucht werden gefotografeerd omdat ze dan makkelijker opgepakt konden worden als ze aan land kwamen. Een zendschip waar beton in was gestort omdat de gaten er in vielen en een zendmast die veel te hoog was en bij zwaar weer er voor zorgde dat de boot bijna op zijn kant ging.Avontuur mijnheer!
Maar wel het station waar ik voor het eerst Procol Harem hoorde en al die grote Engelse hits die toen nog door de Nederlandse groepen werden gekopieerd. Radio Caroline. Dat waren voor mij ,toen ik bij Veronica werkte, de jongens die wisten hoe het moest.En… ze waren nog harder ook ! En ziet…. Jaren later, toen bij ons in Nederland het hele Veronica gebeuren vakkundig de nek was omgedraaid en ik
via wat geklooi bij de AVRO en de TROS toch maar weer piraatje wilde spelen, kwam een Haagse jongeman bij meen vroeg of ik er wat voor voelde om programma’s te maken voor Caroline. De boot lag nog op zijn plek ,de zenders werkten en er zaten wat waaghalzen aan boord die er voor zorgden dat er 24 uur werd uitgezonden.
Het was allemaal zwaar illegaal want er stond gevangenisstraf op medewerking met een station dat vanaf de Noordzee uitzond. Ik riep meteen dat ik graag wat wilde doen en twee dagen later werd er op de boerderij waar ik toen woonde een studio gebracht waar ik niks van begreep en waar ik cassette bandje mee moest opnemen met mijn programma’s. Ik miste Adje Bouman,maar uiteindelijk kreeg ik de techniek onder de knie en ik weet nog dat ik van twee antiek pick-ups, zogenaamde snelstarters had gemaakt door middel van een vilten mat en wat wasknijpers…. Ik scheet in mijn broek dat ik ontdekt zou worden.
De studio boven in mijn boerderij had een groot raam dat uit keek op een landweggetje en ik kon de politie, die nooit langs kwam, dus van verre zien aankomen.Als ik de programma’s klaar had, deed ik de cassettebandjes in een trommeltje, verstopte die in een oude schuur en ging fluitend naar bed. Iedere week leverde ik mijn programma’s af bij een motel in de buurt van Den Haag. Hij de bandjes,ik de enveloppe met geld.Niet veel, maar genoeg om van te leven. De bandjes werden met gevaar voor eigen leven met een nauwelijks zeewaardig jacht vanuit Scheveningen naar de Caroline gebracht en Fred Bolland, want dat was de maniak die dit allemaal deed was altijd blij als –ie weer terug was. En opeens was het over.
Ik hoorde op een zondagavond toen ik bij Rob Out langs ging, dat het schip uiteindelijk was gebroken.
Iedereen veilig van boord,maar Caroline bestond niet meer! Mijn laatste bandjes die ik voor Fred had opgenomen, heb ik ergens liggen,maar waar…… Misschien in een trommeltje in een oude schuur ergens in Nijkerk. Volgens de geruchten gaan ze dus hier in september beginnen en ik weet zeker dat ze dan iedereen een poepie laten ruiken. Ik doe niet meer mee,want mijn vrouw zong uit volle borst –je wordt ouder papa ,van Peter Koelewijn toen ik heel voorzichtig vroeg wat ze er van zou vinden als ik……..
Maar luisteren mag!
Als ik in Nederland ben,verblijf ik in Baarn en daar is het heel gezellig,maar na een dag loop ik richting station en neem de trein naar Amsterdam. Door het centrum van Baarn lopen is leuk,maar in Amsterdam rond slenteren is nog veel leuker. Hoe het komt weet ik niet, maar op de een of andere manier kom ik altijd, na wat omzwervingen door de stad, in hotel Krasnapolsky terecht. Voor een oud Veronicaan eigenlijk niet zo vreemd, want Kras is in de geschiedenis van Veronica heel belangrijk en heel bijzonder geweest. Ooit was daar een vergadering van aandeelhouders die de mooie praatjes van de Verweijs zat waren en hadden besloten geen dubbeltje meer in de onderneming te stoppen . Op tafel stond een oude radio en de gebroeders V. deelden de aanwezigen mee dat er die avond nog een proefuitzending vanaf het schip te horen zou zijn. Dat gebeurde inderdaad, maar wat de geldschieters niet wisten, was dat er een ingehuurde radioamateur twee straten verder met een zendertje zat te pielen en het geluid dat uit de radio kwam niet vanaf de Noordzee werd uitgezonden ,maar vanuit de Amsterdamse binnenstad. De heren besloten ter plekke nog wat geld in de onderneming te steken en daar hebben ze nooit spijt van gehad, want de aandeelhouders van radio Veronica zijn er niet slechter op geworden!
In de eerste jaren van Veronica was producer Dick Dubois altijd bezig met bijzondere dingen. Hij organiseerde Veronica showavonden met een aantal bekenden zangeressen, een acrobaten duo en een goochelaar, want daar kwamen de mensen toen nog de deur voor uit. Altijd volle bak en veel succes. Het bandje dat de artiesten begeleidde was genaamd Roeck Williams en de Fighting Cats en dat het zoontje van Dick de drummer van de band was, is louter toeval geweest. Ik speelde in die tijd saxofoon en aangezien er steeds meer gitaarbandjes blazers in hun gelederen opnamen omdat groepen als de Alan Price Set daar in Engeland succes mee hadden,was ik opeens lid van de Fighting Cats en ging mee op tournee met de Veronica shows. Ik speelde eigenlijk Jazz muziek ,maar ik was heel flexibel want ik had net een nieuw volkswagentje met een hoge financiering gekocht en ik kwam er na een avond optreden al achter dat Rock and Roll veel meer betaalde.
Het hoogtepunt van een jaar Veronicashows was het Oranjebal in Krasnapolsky in Amsterdam op dertig april. Ik kan me nog herinneren dat het feest zich afspeelde in een paar giga zalen,met een wintertuin bommetje vol met fans van Veronica en dat je bij een heleboel bars de gratis consumptie bonnen kon inleveren! Dick Dubois regelde elk jaar een super act uit Engeland en als het zo uitkwam mochten wij die begeleiden of als dat niet nodig was, regelde hij dat we met de sterren op de foto mochten . In mijn werkkamer hing jaren een foto van de Seachers die zich na afloop van hun optreden minzaam over de Fighting Cats buigen en duidelijk denken, opschieten met die kiek want we willen die lekkere meiden van Amsterdam wel eens van dichtbij bekijken. Het laatste oranjebal dat ik mij herinner was met Cat Stevens. We moesten hem begeleiden en zaten in de zelfde kleedkamer. Hij nam vlak voor het optreden wat pilletjes tot zich, waar ik toen nog nooit van had gehoord want ik liep nog op een paar biertjes of als het helemaal te gek was een baccardi-cola. De heer Stevens veranderde binnen een minuut totaal en werd van een ietwat slome duikelaar een artiest die de sterren van de hemel zong en een half uur langer optrad dan was afgesproken . Gelukkig had ik nooit de neiging gehad om te zingen want wie weet wat er dan allemaal met me was gebeurd…..
Buiten Kras was het de hele avond al wat onrustig en tegen het einde van ons Oranjebal stond de binnenstad van Amsterdam op zijn kop omdat er allerlei relletjes waren uitgebroken en wij werden onder politie begeleiding naar de parkeergarage gebracht waar onze auto´s stonden. Dick Dubois was zo geschrokken van de gevechten in de stad dat hij terplekke besloot nooit meer een Oranjebal in Kras te organiseren. Het gevolgen van zijn beslissing zijn gigantisch geweest want in plaats van een feest op Koninginnedag in Hotel Krasnapolsky wordt het nu op de Dam gevierd met Nederlandse artiesten en dat is eigenlijk veel leuker.
Rij Oranjebal en Kras voorzichtig, denk aan mij Will
MAANDAG: “Goedemorgen mijnheer”, zegt een jongeman, die mij uit bed heeft gebeld. Hij staat met een smile in de deuropening en wacht netjes tot ik onder de mensen ben.
“Jij dacht zeker ook, de ochtendstond heeft goud in de mond”, mompel ik na de toegestane bedenktijd.
“Het is al kwart over acht”, antwoordt de jongeling.
“Hoe laat ben jij naar bed gegaan?”, vraag ik
“Elf uur mijnheer.”
“En om een uurtje of zeven standje zeker onder de douche?”
“Nee, half acht mijnheer.”
“Weetje wat het probleem is”, zeg ik terwijl ik hem recht in de ogen kijk. “Ik ging er veel later in wegens drukke werkzaamheden en daarom kom ik er ook veel later uit, wegens geen werkzaamheden ”
“Oh”, zegt hij, “ik heb u dus uit bed gebeld?”
“Precies”, antwoord ik. “Maar wat kan ik voor je doen. .?”
“Heeft u vakantiewerk voor me?”
“Heb je een rijbewijs?”
“Nee, ik ben bijna achttien en ik wil geld verdienen voor een brommer.”
“Houd je van tuinieren?”
“Thuis niet, maar bij een ander wel”
“Je kunt over een uur aan de slag.”
“Wat moet ik doen ?”, vraagt de jongeman, terwijl hij een bloknootie uit zijn zak haalt
“De tuin een beetje in orde maken”, zeg ik “Wat gaat dat kosten?”
“Dan zou ik even moeten kijken wat er precies moet gebeuren”, antwoordt mijn nieuwe werknemer.
Even later, als we door de tuin zijn gelopen, maakt hij een korte berekening en zegt: “Ik denk dat u met vijftig gulden klaar bent, mijnheer. Tenzij ik iets tegenkom wat ik nu niet heb gezien.”
“Akkoord”, roep ik “En mag ik je wat vragen?”
“Natuurlijk”, antwoordt hij
“Is jouw vader misschien aannemer?”
Hij kijkt mij even verbaasd aan en zegt dan: “Ja, hoe weel u dat?”
“Laat maar”, mompel ik “Tot over een uur en succes als je later de zaak van je vader overneemt”
WOENSDAG: Mijn programma kwam weer live vanaf de kar. Artiesten lopen het podium op en af, zingen hun liedje, krijgen een bloemetje, een pak consumptiebonnen en een warme hand voor bewezen diensten Af en toe moet je artiesten interviewen, want ik ga er maar van uit dat ze geen tweehonderd kilometer rijden om een liedje te zingen. Nou hebben de meeste zangers en zangeressen niet zoveel te vertellen Hier en daar wil er nog wel eens een jonge hond geboren worden of is het fietsje van de jongste dochter gestolen, maar dan houdt het op. Vandaag had ik een diepte-interview met Barbarella, de drie dames die ooit het openingslied van de Pin-Up Club zongen. Ze hebben een tweede plaatje gemaakt en volgens mijn moeder klinkt dat ook wel aardig. Terwijl ik met een van de dames stond te praten, tikte een ander mij op de schouder en zei: “Mag ik ook even wat zeggen?” Toen ze bleef aandringen draaide ik mij om en duwde de microfoon onder haar kokette neusje. “Ga je gang”, zei ik.
“Je stinkt naar vis”, riep ze.
Mijn hersenen begonnen op volle kracht te werken en ik had bijna een zeer vervelende opmerking gemaakt maar ik hield me in, want voor je het weet staat zo’n wereldster te huilen. “Zeeland… visschotel gegeten”, stamelde ik en aangeslagen liep ik de bühne af. Met vlugzout werd ik bij gebracht door producer Jan de Hoop en ik was blij dat ik de rest van het programma nog naar behoren kon presenteren. Na afloop van de uitzending werd ik ter verantwoording geroepen bij de hoogste instantie en ik heb moeten beloven dat ik tijdens de uitzending nooit meer van een visschotel mag snoepen en indien zulks wel geschiedt, ik onmiddellijk de tanden moet poetsen, dan wel de mond met daartoe in de handel gebracht mondwater dien te spoelen. Om dergelijk incidenten te voorkomen krijgt iedere presentator van het bedrijf een setje met artikelen die het onaangenaam geuren uit mond en oksels rigoureus de kop indrukken. Trouwens een bijzonder fris plaatje, die nieuwe van Barbarella.
DONDERDAG: De jongeman die bij mij in de tuin werkte, heeft inmiddels de rekening gestuurd. De post ‘onvoorzien’ is wat aan de hoge kant maar dat komt omdat hij een mierennest heeft gevonden en de beestjes meteen met harde hand heeft uitgeroeid. Hij is er zolang mee bezig geweest dat ik het sterke vermoeden heb dat hij de mieren één voor één heeft begraven.
Een paar jaar geleden werd ik door Frits Spits uitgenodigd voor een televisieprogramma waarin hij aandacht besteedde aan een bepaalde gebeurtenis uit het verleden. Ik zat daar vanwege een marathonuitzending van de Pin Up club, de pyjamaparty, die ik had gepresenteerd. Voor zover ik me kan herinneren begonnen we ’s avonds om twaalf uur met het speciale feestje en duurde het tot vroeg in de morgen. Vier of vijf uur moet het geweest zijn. Ik weet het niet meer precies, maar dat het een heel lange uitzending was, staat als een paal boven water want ik rolde tegen zeven uur ’s morgens in mijn bedje.
Als ik zwaar heb getafeld, word ik nog steeds zweterig wakker als ik aan die uitzending denk! Er werd niet gerepeteerd en er was volgens mij geen draaiboek of een schema. Er was eigenlijk niks behalve veel camera’s en een heleboel mensen die verplicht in pyjama rond liepen.
Toen ik de trap afkwam van de eerste verdieping van de discotheek waar de gedenkwaardige uitzending live vandaan kwam, hoorde ik alleen maar –broek uit ,broek uit- en dat viel me vrij rauw op het dak, want de laatste keer dat ik die kreet had gehoord was in de legerplaats Ossendrecht toen ik Ria Valk tijdens een bonte avond voor de militairen moest aankondigen.
Ik heb de opnames van de pyjamaparty jaren geleden nog een keer gezien. Wat een zooitje en wat weinig seks. In die tijd dacht ik en met mij heel Nederland, dat het programma een zwaar pornografisch gebeuren was waar blote dames af en aan liepen terwijl ze olijk lachend met hun grote boezems zwaaiden en tussendoor nog even bewegingen richting de twee als zijnde getrouwde cameramannen en een toevallige voorbijganger demonstreerden.
Niks van dat alles.
Geen blote borst te bekennen en blote buiken nul. Als je tegenwoordig in een winkelcentrum loopt zie je meer blote navels en buiken dan tijdens die beroemde pyjamaparty. De kranten stonden er vol van, niemand had het gezien, maar de volgende morgen sprak iedereen er wel schande over…
En ik… Ik werd tijdens de uitzending van links naar rechts gesleept. Het ene moment stond ik bij een aantal dames die meededen aan de miss wet T-shirt verkiezingen en aangemoedigd door het publiek onder een douche stonden met veel te dikke T-shirt aan zodat je niks kon zien en even later had ik een diepte interview met iemand zo stoned als een garnaal die bezig was met bodypainting, maar de verf zo dik op het lichaam van zijn vrouw had gesmeerd dat je moest raden of ze naakt was of dat zich had laten beschilderen terwijl ze zich eerst in jaeger ondergoed had verpakt.
De meeste lol heb ik gehad met een Italiaanse zangeres, die in Rome en omgeving beroemd was omdat ze seksueel zong. Helaas was het ook vals, maar dat componeerde ze door te strakke kledij en een push up BH waar je een vrouw van tachtig nog sexy mee kunt maken. We hadden elkaar ’s middags even gesproken en op de een of andere manier klikte het niet tussen ons en dat liet ze ’s avonds tijdens de uitzending goed merken. Alvorens zij zou optreden had ik aan het begin van de show een interview met haar aan de bar van de disco. De planning was dat ze dan aan het eind van de uitzending als klapper twee liedjes zou zingen.
Het interview ging ongeveer als volgt:
Will: Leuk dat je hier bent. Ik hoorde dat je vanmiddag in Amsterdam hebt gewinkeld. Was het leuk?
Seniora Borst: Si.
Will: Ze zegt dat het gezellig was in Amsterdam en dat ze een heleboel leuke dingen heeft gekocht. Vooral de winkels in de PC waren super.
Dus je vindt Nederland wel wat?
Seniora Borst: Si.
Will: Mijn Italiaans is niet zo goed, maar ik begrijp dat ze Nederland een mooi land vindt en dat de mensen hier zo aardig zijn. Wat ga je vanavond voor ons zingen?
Seniora Borst: Si
Will: Dat is nou leuk! Zij zal straks twee werkjes ten gehore brengen waar ze in Italië geen hits mee heeft gehad, maar haar platen liggen vanaf maandag in de winkel en ze hoopt dat u, als ze straks heeft opgetreden, de liedjes gaat kopen.
Toen het interview was afgelopen, liep de Italiaanse diva boos weg en wilde meteen vertrekken, richting Amsterdam. Niks optreden. Arrivederci…
Dankzij een vriendje van me die mij vaak reed als ik ergens moest optreden, is ze toch gebleven en heeft ze ook nog gezongen.
Ik ben er nooit achter gekomen wat er precies is gebeurd in haar kleedkamer, maar ik reed ‘s nachts naar huis en mijn vriend lag met een smile op zijn gezicht op de achterbank van mijn auto te slapen.
Eén jaar na de start in 2003 wordt de historische datum 31 augustus nogmaals aangegrepen voor een feestje. In Veronica’s eigen strandtent Vroeger in Bloemendaal wordt ook in 2004 V-day gevierd. Mensen als Jeroen van Inkel ontvangen er oud-medewerkers als Erik de Zwart, Rob Stenders, Annette van Trigt, Kees Baars, Tineke de Nooij, Ad Bouman en Will Luikinga. Adam Curry maakt die ochtend zijn laatste show voor Veronica en ontvangt daar Lex Harding. Waardoor Lex toch nog te horen is op de zender die wat hem betreft geen echt Veronica is. En Bart van Leeuwen maakt zijn programma vanuit de oude studiocomplexen in Hotel Laapershoek. Daarvandaan komen ook weer twee weken lang terugblikprogramma’s over de zeezendertijd. Wederom georganiseerd door Adje Bouman en Juul Geleick. Net als in 1999 hebben ze weer een aantal dagen op de middengolf een tijdelijke zender om daar oude zeezenderprogramma’s uit te zenden. Hier schuiven Tineke de Nooij, Jan van Veen en Willem van Kooten regelmatig aan.
Wordt er op de middengolf tot september 1974 teruggekeken, op Radio Veronica ligt het accent uiteraard op de jaren tachtig en negentig. Het is een dag vol herinneringen, oude fragmenten en jingles en de RoepieRoepievogel – ‘oe-oe, aa-aa, Roepie Roepie’ was het teken om te bellen om een Snipperhit te herkennen. Een Snipperhit duurde twee tot drie seconden.
Luisteraars mochten hun favoriete Veronica-programma’s aller tijden kiezen en de Top 5 wordt die avond uitgezonden. Bart van Leeuwen blikt daar met de makers van toen terug op hun programma’s. Wat leeft er zoveel jaar na dato nog steeds?
5. Will wil wel
4. Countdown Café
3. Het Laatste Uur (integrale uitzending van het laatste uur op de zeezender van 31 augustus 1974, door Rob Out)
2. De Top 40 (en dan vooral de tijd van presentator Lex Harding)
1. Curry & Van Inkel
De terugblikuitzendingen zijn mooi en goed verzorgd. Dat dit cultuurgoed nog ergens gekoesterd wordt, geeft de oldies-zender een meerwaarde.
V-day geluidsfragmenten
Staverman & van Inkel
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Stenders & van Inkel
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Curry en van Inkel
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Niemand weet hoe het ooit is begonnen, maar met de kerstdagen hadden we op Veronica hele speciale uitzendingen. De ene keer was het een hoorspel, dat dan bijna twee dagen duurde en waarbij in elk uur de kreet terugkwam. Het sneeuwt nog steeds in Peyton Place, ingesproken door Henk van Dorp die in zijn programma: Er zit een olifant in de tram, wekelijks bewees dat hij een meester was in superflauwekul die maar weinigen begrepen, maar waar je soms wel om kon lachen. Ik kan me ook nog een kerstfeest herinneren waarbij de Leo-fanfare uit Hilversum, waar mijn vader al jaren een trouw en toegewijd lid van was, de hoofdrol vervulde. Zij begonnen ieder uur van onze kerstuitzending met een stukje van Stille nacht heilige nacht, dat we hadden opgenomen tijdens een repetitie. De eerste uren niet te pruimen, maar in de late avond klonk het heel aannemelijk. Helaas zaten toen alle leden van de fanfare, hun familieleden en bekenden al zwaar te tafelen in diverse restaurants, zodat ze het eindresultaat nooit hebben gehoord… Ze hebben het mijn vader heel kwalijk genomen dat hij zijn eigen fanfare zo te kakke heeft laten zetten bij dat schorem van Veronica en pa heeft nog drie weken zijn klarinetpartijen geblazen, is toen verbannen naar de grote trom en mocht uiteindelijk alleen nog de stoelen klaarzetten in het repetitielokaal en koffie schenken in de pauze. De uitzendingen die Adje voor hem op cassettebandjes had gezetheeft hij nooit aangeraakt.
Een andere kerstuitzending die volgens kenners historisch is geweest, werd opgenomen in een schaapskooi op de boerderij van Oom Bull. Iemand was op het idee gekomen dat een echte kerstuitzending alleen maar gemaakt kon worden als je de omstandigheden, van de nacht dat Jesus werd geboren, zelf beleeft… Dus koud in een stal, schapen, een os, een ezel, een timmerman, een lieve dame en een pas geboren kind… Rob Out zag het wel zitten, maar schrapte om te beginnen de timmerman, de lieve vrouw en de baby. Hij belde met een kinderboerderij voor de os en de ezel en liet ons via een memo weten dat we het met de stal van Oom Bull en zijn schapen moesten doen omdat het budget het niet toeliet de andere dieren aan te voeren. Het was die nacht echt koud, de schapen deden hun behoefte op/of in de buurt van de mengtafel. Oom Bull vroeg ons regelmatig om even bij hem in de keuken te komen waar hij puike rumthee serveerde en toen ik uiteindelijk ’s morgens vroeg moe maar voldaan naar huis reed had ik een heel mooi en goed kerstgevoel, dat de volgende morgen veranderde in zware hoofdpijn!
“Zouden de mensen zo rond de kerstdagen nou wel lief voor elkaar zijn?” vroeg ik aan Adje toen we terug reden van een drive in show.
“Natuurlijk”, zei hij. “Als de kerstlichtje gaan branden weet je niet wat er gebeurd.”
Twee weken later zat ik met Ad en Sytse Gardenier in een Volkswagentje. We stonden voor de oprijlaan van een grote villa en daar belde Daniel Kleijsing, die bij ons op de afdeling sport werkte, aan.
We hadden hem volgeplakt met elektronica zoals zenders en van die hele grote microfoons, want de kleine speldenknopjes die ze tegenwoordig gebruiken moesten nog worden uitgevonden. Daniel, gekleed in een veel te grote jas om de apparatuur te verbergen, moest aan de mensen bij wie hij aanbelde vragen of ze misschien een boterham voor hem hadden want hij had het koud, geen huis en de hele dag niet gegeten.
Ik had verwacht dat iedereen de deur voor zijn neus zou dicht knallen, maar dat liep heel anders af. Terwijl wij in de koude auto zaten te vernikkelen omdat we de motorniet konden laten draaien voor de verwarming, zat Daniel in de warme keukens enwerd volgepropt met lekkernijen. Via zijn zender en microfoon hoorden wij alles en Daniel had er de grootste lol in ons op de hoogte te houden van alles dat hem werd voorgeschoteld terwijl bij ons de ijsbloemen op de borst stonden. Uiteindelijk werd hij maar twee keer weggestuurd en zat hij op het eind van de avond met lange tanden bij die lieve mensen te eten want vol is vol. Het werd een geweldige uitzending en uiteindelijk is daar later het programma Fop Out door ontstaan.
Kerst bij Veronica. Het was altijd iets bijzonders. Ruim een week voor de 25ste december waren de programma’s klaar en hadden we met zijn allen een kerstdiner in de studio’s. Toespraken, extra salaris, kerstpakket en naar huis.
Een week later moest je dan nog een keer kerst vieren, maar dat haalde het niet bij die de te vroege versie. Ik heb ooit een verzoek ingediend bij de Paus of hij Kerst naar 18 en 19 december zou willen verplaatsen… Nooit antwoord op gekregen en dat is eigenlijk logisch want de Paus heeft nooit bij Veronica gewerkt.
Eigenlijk zou ik het deze maand moeten hebben over Bart van Leeuwen, die 2 juli jarig is geweest.
Ik had al een opzetje gemaakt over zijn goede en slechte gewoontes. Bijvoorbeeld om een sjekkie te draaien en dan de tabakskruimels als een soort spoor door het gebouw rond te strooien zodat je altijd wist waar hij zat, zijn eeuwige gevecht tegen de pondjes die door het mondje gaan want hij kan koken als de beste, zijn passie voor computers waar hij thuis een hele grote van had staan, zijn ochtendhumeur dat je wel nodig had als je om zes uur moest beginnen, zijn giga slordigheid, de cursus stoppen met roken die we samen hebben gevolgd, en die mij voor altijd van het roken heeft genezen, maar die hij na een paar maanden als mislukt moest beschouwen en daar nog altijd over praat als we elkaar tegenkomen. Allemaal dingen die we samen hebben beleefd.
Op de eerste campingtoer toen Bart meisjes een blonde pruik op moest zetten en een Denise-wedstrijd leidde wat hij eigenlijk helemaal niks vond, maar altijd dapper deed op de campings van Musselkanaal tot Soeburg. Of de kroegentochten als we op locatie waren en we tot het gaatje doordronken en hij en Adje Bouman dus maar niet naar bed gingen omdat ze weer heel vroeg aan de bak moesten en dat Bart dan ook nog heel vrolijk Ook Goeiemorgen presenteerde. Dan was er mijn moeder die hem de aardigste deejay van Veronica vond, omdat hij zo’n lief gezicht had en zo’n vrolijke stem bezat. Ze vertelde dat tegen iedere dame die bij haar op visite kwam en altijd als ik haar belde vroeg ze eerst ‘hoe gaat het met Bart’ en dan kwam ik aan de beurt….
Dat had ik allemaal op een kladje geschreven toen ik het heel druk kreeg om een feest te organiseren, omdat ik op 30 juli 65 werd.
Om te voorkomen dat zoals in voorgaande jaren…:
(Een compleet door Rob Out gehuurd fanfarekorps het tuinpad op komt lopen, 40 jaar. Er ‘s morgens om zes uur een draaiorgel voor de deur staat met het voltallige personeel ener radio-omroep dat luid en duidelijk zingt dat er een jarig is, 50 jaar.) ..Midden in de nacht word ontvoerd en vervolgens in een hotel in Scheveningen terechtkom met uitsluitend oude Duitse badgasten en waar het de hele dag regent, besloot ik de zaak zelf in de hand te nemen en vijfentwintig heren en een dame voor een diner uit te nodigen.
Mensen die wat in mijn leventje hadden betekend. Toen ik het lijstje klaar had kon ik meteen een paar namen schrappen. Rob Out, Henny Budie, Bart de Graaf, Nico Haak… Maar gelukkig bleven er nog genoeg over. En die heb ik allemaal een mailtje gestuurd met het verzoek op mijn verjaardag aanwezig te zijn. Van Adje Bouman tot de enige dame Tineke, Sytse Gardenier, Lee Towers, Ron Brandsteder, Albert West…..
Het werd een dolle avond met veel muziek, want als die jongens er toch zijn gooien ze even een paar hits door de microfoon. Er waren mooie sprekers en prachtige cadeaus. Kortom zo’n gebeurtenis die het leven waard maakt geleefd te worden. Ik heb net een dvd bekeken die ik kreeg van Adje Bouman, waarin te zien is dat ik samen met Michael Robinson gezeten in een winkelwagentje op een dinsdagavond door Veronica-medewerkers door een stad wordt gereden. Michael speelt gitaar en ik saxofoon. Blue Berry Hills. Bart van Leeuwen loopt ernaast en zingt uit volle borst mee en wist toen nog niet dat hij na wat omzwervingen in 2008 gewoon weer elke dag op Veronica te horen zou zijn en zo hoort het.
Ik kwam voor het eerst met leden van Club Veronica in aanraking tijdens de opnames van het radioprogramma Nederland Muziekland. Onze supertruck stond geparkeerd op een groot plein in een plaats waarvan ik de naam even niet meer weet, maar het was ergens in het zuiden van Nederland want de vlaaien en het bier kwamen vaak en veel voorbij. Nederland Muziekland was een wekelijks feestje waar ik altijd naar uitkeek; veel artiesten die levend optraden, geweldig publiek en meestal na afloop heel lang heel gezellig.
Die dag in het Zuiden dus. Toen ik na een lange rit uit mijn auto stapte kwamen twee jongemannen op mij af en riepen:
“Will we gaan een filmpje maken!”
“Pardon?”
“Ja, we gaan een filmpje maken.”
“Waarvan?”
“Van Nederland Muziekland.”
“Je meent het.”
“En we willen overal toegang hebben”, riep het mannetje met een cameraatje in zijn hand. “Dus ook achter de bühne en wat er allemaal gebeurt als het publiek het niet ziet.”
“En we hebben toestemming”, zei een knaap met een microfoon in de aanslag en een bandrecorder om zijn nek.
“Van wie?”, vroeg ik.
“Van Veronica”, zei de cameraman.
“Wij zijn van Club Veronica”, riep mannetje geluid heel enthousiast.
“En kunnen we straks met je mee terugrijden?”
“Wat is Club Veronica?”, vroeg ik want ik had daar nog nooit van gehoord.
Twee telefoontjes later was het me helemaal duidelijk. Foutje van de afdeling voorlichting: memo niet gezien, memo in verkeerd postvak, zwangerschapsverlof, vakantie, familieomstandigheden, lege batterijen en het zal nooit meer gebeuren. “Club Veronica is in het leven geroepen om kids die wat willen doen bij de radio of televisie een opleiding te geven. We zijn twee weken geleden begonnen met de eerste lichting. De volgende keer melden we even dat ze langskomen…”
“Helemaal duidelijk”, riep ik en trakteerde de clubleden Koos Camera en Ben Geluid, om het goed te maken, op patat met en vertelde ze dat ze alles en iedereen mochten filmen en vragen stellen, zolang het niets te maken had met de Koningin of het geloof. Een week later heb ik ze nog een beetje geholpen met de montage en het werd best een aardig filmpje.
Toen ik met de Pats Boem Show begon kwam ik de twee clubleden weer tegen.
We hielden één keer per week op vrijdagavond in ons Pats Boem Theater in Grave audities en zij maakten daar, op verzoek van regisseur Dick Kloosterman, video-opnames van. De camera was een tikkie groter geworden, het geluid professioneler en de heren hadden een boel geleerd. Iedere maandagochtend lag er een videotape op mijn bureau met de kandidaten en een briefje met hun favorieten, en meestal hadden ze het nog goed ook.
De cameraman werd uiteindelijk geluidsman, de geluidsman werd producer en ik zag ze regelmatig als ik tv-programma’s maakte. De laatste keer dat ik met één van de heren werkte was tijdens Veronica goes America. Dag en nacht bezig met zijn vak, uitgegroeid tot een toppertje, maar niet vergeten hoe hij was begonnen. En af en toe nam hij een hamburger voor me mee…
Dat hele Club Veronica gebeuren was indertijd een geweldig initiatief, waardoor een heleboel jongens en meisjes in het radio- en televisievak zijn terechtgekomen. Heel lang geleden, toen vrienden tegen mij zeiden: ‘eigenlijk wilden we geen kinderen meer, maar nu we weten dat er via Club Veronica een toekomst voor hen is bij de omroep, gebruikt Elly de pil niet meer’, dacht ik wel even… dat is volgens mij nooit de bedoeling van Rob Out geweest.
Een paar jaar geleden vroeg een aardige mijnheer van een reclamebureau mij of ik een lezing wilde houden over Veronica en na afloop van mijn praatje wat vragen wilde beantwoorden die zouden gaan over het imago van ons station, want we waren toen nog een merknaam waar menig bierbrouwer of wasmiddelmaker jaloers op was.
Na mijn lezing zonder lichtbeelden over het reilen en zeilen van ons gezellig muziekclubje, begon het vragenuurtje. Ik kan me dat nog heel goed herinneren, want de dames en heren hadden zich goed voorbereid en begonnen mij te ondervragen over de vele slogans die wij in de loop der tijd op onze luisteraars hadden losgelaten. En wie toch het reclamebrein was dat dit allemaal had verzonnen.
-Mijnheer Luikinga, ‘Veronica komt naar je toe deze zomer.’
-Ja… Ik dacht op een terras in Loosdrecht. Iemand zei, we moeten eens met onze radioprogramma’s naar de luistervriendjes toe. Deze zomer meteen doen, zei Out. Ja, dan heb je al gauw ‘Veronica komt naar je toe deze zomer.’
-‘Meimaand Filmmaand.’
-Klopt, dat was altijd in mei. Nog meer vragen?
-‘Eén-negen-twee, goed idee.’
-Dat was zo en het rijmt.
-Mijnheer Luikinga. ‘Het station waar muziek in zit.’ Daar is toch wel heel lang over nagedacht.
-Ben je gek. Iemand vroeg aan zijn buurman aan de bar, waar luister jij tegenwoordig naar en toen zei die man, naar Veronica. En omdat we toen nog niet zo bekend waren zei zijn vriendje, je weet wel, dat station waar muziek inzit.
-En hoe zat dat met die actie ‘Veronica blijft als u dat wilt?’
-Die is gemaakt op een zondagmiddag aan boord van het Veronica-schip.We zaten daar met een paar man programma’s te maken en dachten, wat hebben we toch een lekker stationnetje. De zon scheen, we dobberen rustig op de Noordzee… Waarom willen die mannen in Den Haag ons nou weg hebben? De luisteraars willen dat we blijven, zei iemand… Nouja, een paar biertjes later heb je hem.
-Wie..?
-De kreet.
-Oh ja… U had ook ‘Je bent jong en je wilt wat’, maar daar maakten we op het schoolplein van ‘Je bent wild en je jongt wat.’ Vond u dat niet vervelend?
-Nee, ik was toen al getrouwd en zo te zien bent u later nog goed terechtgekomen.
-En hoe ging dat met ‘Vijf-drie-acht op volle kracht’?
-Dat was een beetje link, want we zaten helemaal niet op de frequentie 538. Ik geloof dat het 537 of 536 was.
-Brainstormen dus…
-Welnee, gewoon hardop zingen in de auto, dan kom je er vanzelf achter. Vijf-drie-acht volle kracht, hier hebben we op gewacht, dag en nacht, wat een pracht. Vul maar in.
-En ‘Veronica goes America’?
-Daar gingen we toen naartoe. Naar Amerika dus.
-Mijnheer Luikiga, ik wilde u wat vragen over de tocht in Den Haag. U gebruikte toen de kreet ‘We kunnen het toch proberen.’ Subliem gevonden… Er kwamen meer dan honderdduizend mensen naar die demonstratie. Kunt u daar wat meer over vertellen?
-Natuurlijk.We hadden alles al gedaan om de heren in de regering op andere gedachten te brengen, maar ze wilden ons gewoon weg hebben, dat was duidelijk. Toen kwam het idee van een demonstratie. De ene helft bij ons geloofde dat het zou lukken en de anderen zeiden, dat wordt niks. Voor je het weet roept dan iemand ‘niet zeuren, we kunnen het toch proberen.’ En dan opeens is het hebbes.
-Dus u gaat mij vertellen dat er nooit een reclamebureau is ingeschakeld en die slogans allemaal door jullie zelf zijn bedacht.
-Voor zo ver ik weet wel.
-Ook ‘U vraagt wij draaien?’
-Natuurlijk.
-‘Gouwe Ouwe’…
-Ja, dat lijkt me niet zo moeilijk.
-Waarom hebben jullie eigenlijk nooit een reclamebureau in de arm genomen?
-Dat zal ik over een uurtje uitleggen. Zolang krijgen jullie de tijd om slogans te bedenken die beter zijn en dan mag je die op een flip-over met lichtbeelden en psychologisch ondersteunende rapporten toelichten… Ik denk dat ik al weet hoe het afloopt en… het gaat ook nog een boel geld kosten!
Ondergoed, boeken, tandpasta, tandenborstel, zonnebrandolie, pilletjes voor de darmen, sokken, gymschoenen, zwembroeken, t-shirts, tickets voor het vliegtuig, rijbewijs, radio, sigaretten, een kam, een paar extra schoenen, pen en papier, badlaken, handdoeken, scheerapparaat, buitenlandse valuta, een schaar, tijdschriften, batterijen voor de radio, “hoe en wat in het spaans”, zwemvliezen, duikbril en snorkel, fototoestel, cassettes, zonnebril, alkazelser, een petje, een trui voor als het ’s avonds toch nog koud wordt, een jackje, slippers, washandje, zeep, spijkerbroeken waaronder een afgeknipte, dat had ik allemaal bij me… En toen ik tien minuten in m’n auto zat moest ik terug omdat ik m’n paspoort weer eens was vergeten.
Een echte gouwe ouwe, dit middagprogramma van Will Luikinga: Will wil wel is één van de oudste spelletjesprogramma van de Nederlandse radio. Tussen 1970 en 1974 wordt het uitgezonden vanaf de Norderney. Als Veronica eind 1982 de B-status krijgt keert de lunchshow terug op Hilversum 1 (later Radio 2) en in 1992 verhuizen programma en presentator naar Radio 538, waar het tot en met 1997 nog altijd populair is. Inmiddels is de presentator de zestig gepasseerd, maar sinds 2005 is Will wil wel nog aan de Spaanse costa (en via een internetstream) te beluisteren.
De combinatie van fijne plaatjes, een jolige diskjockey en natuurlijk het telefoonspel betekende altijd lachen op woensdagmiddag tussen twaalf en twee. Een groot succes blijkt de introductie van ‘de domme vraag’ in quizland. De zenuwachtige deelnemer blijft het antwoord schuldig op vragen als ‘Wie heeft Amerika ontdekt?’ En wie ‘een vliegveld met een S’ moet noemen, flapt er “Scheveningen” uit. Terwijl Luikinga er voortdurend doorheen ratelt en deelnemers op het verkeerde been zet, bescheuren de luisteraars zich.
Ook kent Will de kracht van de herhaling: “Alles wat je heel lang doet en ook nog uitzendt op een goed tijdstip wordt vanzelf onsterfelijk”, weet hij. Zo ook zijn jingle ‘Luikinga, Luikinga… Jongetje wat doe je daar?’, die hij in 1970 in één minuut opnam en vijfentwintig jaar later nog gebruikte. Op dat moment werkt de radiolegende met technici die nog niet waren geboren toen hij met Will wil wel al voor de Veronica-microfoon zat.
Natuurlijk verandert Luikinga door de jaren heen wel het een en ander in zijn programma. Direct legendarisch is Harry de fruitautomaat, vernoemd naar Harry van Doorn, de toenmalige minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk die verantwoordelijk was voor de invoering van de anti-zeezenderwet in 1974. In de jaren tachtig komt het postcodespel erbij, in de jaren negentig de krasloten. En er is natuurlijk de periode dat Luikinga mensen vroeg dingen na te doen, zoals het geluid van een spruitje of een schemerlamp.
Luikinga: “Het is altijd mijn programma gebleven, met mijn spelletjes. Ieder ander zou ermee op zijn bek gaan.” Na zijn vertrek bij Radio 538 in 1997 lijkt het de radioveteraan het beste dat met hem het hele programma verdwijnt: “Zet er iemand anders neer en de mensen gaan bellen met de vraag wanneer ik terug ben van vakantie.”
In 2004 wordt Will wil wel door de luisteraars gekozen op nummer vijf van de beste Veronica radioprogramma’s aller tijden. En de gokkast Harry? Die staat nu in het Omroepmuseum. Voor de laatste reeks shows die Luikinga maakte voor Radio 192 werd de eenarmige bandiet uitgeleend. Maar het Omroepmuseum blijkt hem geheel te hebben gereviseerd; alle rateltjes, reuteltjes en knarsgeluidjes zijn verdwenen. Reden te meer voor Luikinga om ‘stille Harry’ in het museum te laten.
Het gaat goed met hem. Hij heeft een prima tehuis, vreet niets meer op en plast alleen nog in geval van nood op de pers in de kamer. Verder krijgt u allemaal de hartelijke groeten. Van wie….? Van de hond natuurlijk.
Maandagavond. Henk van Dorp komt na de vergadering naar mij toe en zegt:
‘M’n schatje is ziek’. Ik trek een gezicht vol medeleven en zeg: ‘Da’s vervelend Henk, hoe komt dat nou ineens’. ‘Ja ik weet het niet Wil!. De laatste tijd sukkelde ze nogal maar ik dacht dat ze het nog wel even vol zou houden’. ‘Bijzonder rot Henk’ zeg ik dus weer. Hij: ‘Ja jo, ‘t is zo gebeurd. Ik denk dat ze vannacht helemaal alleen is. Ik ga zo nog even naar d’er kijken, maar het zal wel niet veel helpen’.
Henk steekt een verse pijp op en ik frommel heel nerveus een sigaret uit een pakje. ‘Moet je een glas water Henk? ‘ ‘Nee… dat zou toch niet helpen. Het was zo’n schatje he. Als het maar weer goed komt’. ‘Is het nou echt zo ernstig Henk? ‘ ‘Ja Will ik denk niet dat het weer wordt als vroeger’. ‘Zeg Henk, kan ik iets voor je doen? ‘ ‘Eh ja, zou je me even naar huis willen brengen. Je begrijpt ‘t wel al die moeilijkheden enzo’.
‘Tuurlijk.. zullen we dan meteen maar gaan..’
Als we buiten staan zegt Henk: ‘Even naar m’m schatje kijken’, loopt met mij naar het fietsenhok en zegt: ‘Daar staat ze’, wijst op z’n bromfiets, knijpt even in de voorband en zegt: ‘Zie je, ze is lek’.
ledere zondagmiddag in het programma Will Wil Wel zo tussen drie en vier uur het onderdeel Fop Out. Robbie Ombach doet dan z’n best om mensen er in te laten tuinen via de telefoon. Nou moet u niet denken dat zoiets in tien minuten is gepiept. Soms zijn we er uren mee bezig. Als we dan eindelijk een ‘leuke’ hebben, belt Robbie de betreffende persoon nogmaals op, legt alles uit en vraagt toestemming om ‘t een en ander uit te zenden. Meestal is dat geen probleem, maar verleden week hadden we een hele goeie die het eigenlijk allemaal niet zo zag zitten. We hebben het gesprek dus niet uitgezonden, maar aangezien de stem van die mijnheer op papier toch niet herkenbaar is, even de volgende skets voor twee heren en een telefoon;
Goedemiddag, u spreekt met van Dommelen.
Wat is er aan de hand mijnheer.
Ik ga de volgende week trouwen en nu heb ik wat autoos nodig. U verhuurt toch trouwwagens?
Jazeker mijnheer dat kan. Hoeveel wilt u er hebben?
Es kijken. Twintig lijkt me wel voldoende.
Even stilte… Eh.. twintig zei u. Moet u wel een grote familie hebben. Maar ja, het kan natuurlijk altijd. Hoe laat moeten we bij u zijn?
Nou we trouwen om twee uur. Komt u maar tegen twaalf uur.
Wat, twaalf uur. Wat moeten we al die tijd bij u voor de deur doen?
Nou kijk, we hebben niet zo’n groot huis en de mensen die dan een beetje
vroeg komen zetten we vast in de autoos. Die zijn we dan kwijt. Ik heb met de buurvrouw afgesproken dat ze die mensen die al in de autoos zitten af en toe wat koffie en zo brengt.
Nou… ik vind het heel best mijnheer, maar dat kost u wel een heleboel ekstra. Kijk, wij moeten twintig autoos twee uur bij u voor de deur laten staan. Geld speelt geen rol. Komt u maar om twaalf uur. Was er verder nog iets?
Ja ja, morgen zou ik graag een proefrit willen maken, dat kan zeker wel?
Wat zegt u… een proefrit. U bent toch niet gek geworden. Nee, maar kijk ik trouw voor de eerste keer en ik ben die dag natuurlijk wat zenuwachtig. Misschien zeg ik dan wel links af in plaats van rechts af en dan komen we nooit bij het stadhuis. Mijnheer, wij doen dat al twintig jaar en we weten precies hoe we moeten rijden. Dat zegt u nou wel, maar misschien bent u op die dag ook wel zenuwachtig. Ik wil echt een proefrit maken. Ho, mijnheer, stop., luister naar mij. Maakt u zich geen zorgen. Alles komt voor elkaar.
Ja maar ik wil morgen met de hele stoet een proefritje maken. Da’s toch niet te veel gevraagd…
Enfin, tien minuten later vertelde Rob Ombach dat het voor Fop Out was en toen… mocht het allemaal niet van die aardige mijnheer. En da’s dan jammer. Mocht u trouwens nog aardige ideeën hebben op dit gebied, svp. even een briefje aan Will Wil Wel, postbus 218 Hilversum. Bedankt namens vrouw en kinderen.
Ricardo, de papegaai van Lex, die met ons op de buis verscheen, heeft inmiddels een kontrakt als deejay aangeboden gekregen. Veel drukte en weinig woorde enzo… Lex wordt waarschijnlijk zijn manager.
Zeg heb je nog stickers van Veronica voor me. Nee, ze zijn allemaal op. Vol super graag. Zeg de dop van je benzinetank gaat er niet af. Ik kan je niet helpen. Jammer. Zeg heb je echt geen stickers meer. Misschien onder m’n bank. Nou kijk es, hier heb ik er nog twee. Toch nog effies voor je naar dat doppie van de tank kijken. Zo’n ding moet er toch af willen…. Zo… alweer klaar. Vol super zei u toch. Meteen maar even de ruitjes doen, de olie nakijken en de spanning van de bandjes kontroleren? Mooie stickers mijnheer, leuk dat u er toevallig nog twee had liggen.