In 1972 vertellen omroepers en technici van het eerst uur van Veronica hoe het er aan toeging. Het is nog twee jaar voordat het doek gaat vallen voor Veronica als zeezender en alweer 12 jaar geleden dat Veronica begon. In die twaalf jaar is er veel veranderd en gebeurt. Lees en geniet mee met de Veronica Story’s van de mensen van het eerste uur zoals zij er in 1972 tegen aan keken.
“Hup de radio aan….en dan… doodse stilte”
Ik ben binnen gekomen bij Veronica met een bandje onder m’n arm van een programma dat ik zelf in elkaar had geknutseld. Niet als deejay. Nee, ik had een programmaatje gemaakt van een gezellig avondje uit in Amsterdam. Wat gesprekjes in nachtclubs en café’s en daar moesten dan wat platen tussen door. Ik zag dat helemaal zitten, maar bij Veronica vonden ze het niet zo goed. Trouwens dat was toen nog de VRON. Ja twaalf jaar geleden was dat. Goed, geen gezellig avondje uit in Amsterdam, maar een half jaar later toen ik weer eens langs kwam, ze zaten al in Hilversum, vroegen ze mij of ik misschien spotjes voor Veronica wilde verkopen. Nou had ik dat nog nooit gedaan, maar ik dacht waarom eigenlijk niet en ik ben er maar aan begonnen. Ze verkocht in die tijd nog tien spots voor vijfentwintig gulden. We dachten als er nou eerst maar een paar adverteerders zijn, komen de andere ook wel. Overal ging ik heen. Slagers, kruideniers, café’s en maar kletsen hè.
Een heleboel mensen wisten nauwelijks dat Veronica bestond en als je dan binnenkwam en je stond vreselijk je best te doen om voor die vijfentwintig piek tien spotjes te verkopen was het natuurlijk een hele leuke als je zei, zet u de radio maar even aan dan kunt u precies horen waar ik over praat. Hup de radio aan en dan… helemaal niks. Doodse stilte. Ja, het kwam in die tijd nogal eens voor, dat de zender uitviel en daar stond je dan. Als je een beetje geluk had en je draaide vijf minuten aan die radio, kwam de zender wel eens net op tijd weer in de lucht. Maar goed, we verkochten dan toch regelmatig tien spotjes voor vijfentwintig gulden en het deed er niet toe hoelang de spots waren, dat weet ik nog wel.
Op den duur zag ik die spotjeshandel toch niet zo zitten. Ik wilde meer de showkant op en na een heleboel toestanden mocht ik voor Veronica een avond organiseren. Kijk in die tijd moest je er voor zorgen dat Veronica in het land populair werd. Nou leek het ons wel leuk om grote feestavonden te organiseren en dat dan een paar weken over de zender om te roepen. Die eerste avond organiseerde ik in het Kurhaus in Scheveningen. Dat was geloof ik in eenenzestig. De miss Benelux verkiezing. Dat was me een toestand, jonge. Ik liet drie missen uit Luxemburg, drie uit België en drie uit Holland aanrukken. Het hele evenement werd gesponsord door een aantal firma’s. De Sabena deed mee en een badpakkenfabriek, Lindeloe. Die badpakkenman heeft het geweten hoor. Er werd natuurlijk over Veronica reclame gemaakt voor die fabriek en in een maand tijd was-ie door z’n hele voorraad heen. Als gekken hebben ze moeten werken om weer een nieuwe voorraad badpakken te maken. Die negen missen lieten we naar Rotterdam komen en daar werden ze dan ontvangen op de Euromast. je had toen in Rotterdam ook nog zo’n helikopterhaven en omdat de Sabena ook sponsor was, leek het mij wel een aardige stunt om met die missen van Rotterdam naar Scheveningen te vliegen en daar op de pier te landen. Twee maanden ben ik bezig geweest om vergunning te krijgen voor die vlucht, maar het kwam voor elkaar.

Als ik daar nog aan denk. Bijna vijftigduizend man stonden er op het strand en op de pier. Je zit wel even vreemd te kijken als je zo’n hoop mensen vanuit zo’n helikopter beneden je ziet staan. Het was alleen jammer dat die missen niet zo goed tegen vliegen konden. Als mooie meiden stapten ze in Rotterdam in en als vaatdoeken kwamen ze in Scheveningen naar buiten, er was niet veel moois meer aan. Ik had nog een vent gehuurd, die als neptunes uit zee kwam en de dames een drankje aanbood. Daar hadden ze op dat moment helemaal geen zin meer in. Die lui van het Kurhaus waren trouwens aardig boos op mij. Het was onze eerste avond en wij hadden helemaal geen ervaring met voorverkoop ofzo. Nou zat die spot van die avond drie weken op de zender. Prijzen der plaatsen, voorverkoop aan de kassa, enfin je kent dat wel. Na twee dagen was er geen kaart meer te krijgen. Alles uitverkocht, maar die spot ging iedere dag maar door en iedere dag stond er weer een lange rij mensen voor het Kurhaus. Die lui in de kassa’s zijn daar gek geworden. Maar wij konden die spot niet van de zender halen, vanwege de sponsors die daar voor betaald hadden.
Nou ja, na die eerste avonden zagen we dat allemaal wel zitten en ik kreeg de opdracht om een Veronicashow in elkaar te zetten. Daar werkten toen aan mee, Ronnie Tober, Ria Valk, Roek Williams en de Fighting Cats, de Crocsons en … nou ja, eigenlijk iedere Nederlandse artiest heeft er geloof ik wel eens in gestaan. Ik was toen van alles tegelijk. Zorgen voor de belasting, kaartjes, reclamebiljetten ophangen, aan de kassa zitten, zorgen voor de verlichting van de bühne en ook nog in de gaten houden dat het programma er goed uitging. Ik had een walkie-talkie bij me en als ik dan aan de kassa zat, kon ik vanaf die plaats contact houden met de bühne. We deden die show iedere week een avond en je begrijpt dat we overal terecht kwamen. Ja, soms zaten we in zulke kleine zaaltjes, dat de bühne niet groter was dan een bedstee. We bleven wel ieder jaar een hele grote avond houden en dat was dan op Koninginnedag in Kras in Amsterdam. Dat doen we trouwens nog steeds. Nou nam ik altijd een deejay mee op die showavonden die dan het programma aan elkaar moest praten, Op een gegeven moment dacht ik, toen ik weer bezig was met de voorbereidingen van dat Koninginnebal, als we nou eens een deejay laten werken in de zaal met twee pick-ups en een geluidsinstallatie, zou dat best eens leuk kunnen zijn. Goed, we sloopten een mengpaneeltje, wat speakerboxen en twee pick-ups en hebben die in een zaal van Kras neergezet. Niet té geloven.. Alle zalen liepen leeg en iedereen stond té kijken naar die eerste drive-in show van ons. Dat was het helemaal hè. Na dat eerste optreden op het Koninginnebal zijn we eens met z n allen bij elkaar gaan zitten en toen hebben we besloten, die Showavonden te stoppen en met een drive-in show door hét land te gaan. Niemand wist wat een drive- in show was, want zoiets had je toen helemaal nog niet in Nederland. We hebben hier wat in elkaar gezet. Allemaal heel klein en primitief hoor, en ik moest dan proberen zo’n show te verkopen, iedere zaalhouder was gewend om met orkestjes te werken en daar kwam ik dan aan zonder orkestjes, maar met twee diskjockeys van radio Veronica. Onze eerste avond Was bij van Dijk in Loosdrecht. We dachten als er nou zo’n vier-, vijfhonderd man komen, bitten we goed. Wat denk je. Helemaal vol.
De mensen konden niet meer staan of lopen. Vreselijk. Ik geloof dat er zo’n anderhalfduizend man in zaten. We moesten ze buiten tegen houden en wij waren natuurlijk zo trots als een aap. Vanaf dié dag is Veronica’s drive-in show gaan lopen als een trein. Je weet het zélf. Als ik nu zou willen, konden we iedere avond wel op pad. Die drive-in show waar we nu mee werken is natuurlijk niet te vergelijken met die toestand die wè toen bij ons hadden. Het geluid was eigenlijk niet té vreten en het gebeurde nog wel eens dat dé hele boel zo maar uitviel. We stonden èen keer in een tent met Willem van Kooten en Rob Out toen het ook mis ging. Zomaar boem en alles viel stil. Ik zal je niet vertellen waar het was want we komen er nog regelmatig, maar het waren daar een stelletje echte vechtersbazen. Af en toe vloog er een flesje door de lucht en toen die boel dus uitviel begon het helemaal gezellig te worden, Het hele zootje liep naar de bühne en we dachten dat we zo in elkaar gemept zouden worden. Adje zal als een gek aan alle draden en versterkers te rammelen, maar
er gebeurde helemaal niks. Wat moet je dan hè. Willem en Rob wisten er wel raad op. Die twee gekken liepen de zaal in en zeiden jongens, over tien minuten draaien we weer en in die tussentijd gaan wij wat voor jullie zingen. En daar stonden ze heel rustig met z’n tweeën gein te maken in de zaal. Nou had- den wij een bandrecorder bij ons en ik zeg tegen Adje, laten we die bandrecorder nou gewoon gebruiken, dat is misschien wel een beetje zacht maar we kunnen die twee jongens toch niet tot half twaalf daar in de zaal laten zingen. Die bandrecorder heeft ons wel gered. We hadden wat banden met muziek bij ons en hup daar ging-ie. Als er in de zaal twee mensen met elkaar stonden te praten kon je de muziek al niet meer horen, maar we zijn heelhuids thuis gekomen.

Zoiets komt nu niet meer voor. Die eerste installatie van ons kostte geloof ik vijfduizend gulden en dat spul van nu kost minstens vijftigduizend. We zaten ook altijd te knoeien met speakers. Tegenwoordig heeft de deejay een mengpaneel maar er staat nog een grote controletafel naast waar een technicus achter zit. Als die deejay z’n schuif te ver open zet kan de technicus het allemaal nog regelen. Vroeger, met dat ene mengpaneel voor de deejay, hoorde je meestal na een uur plof en dan was er weer een speaker aan flarden. Dat oranjebal waar ik nu weer mee bezig ben, organiseren we al tien jaar. Die eerste avond zal ik nooit vergeten. Ik had een prins karnaval en een raad van elf kompleet met boerenkapel. Om het nou nog leuker te maken had ik ook nog drie olifanten gehuurd van Boltini. Niets was ons te gek en een stunt op z’n tijd ging er altijd in. Ik had Boltini een olifant gevraagd om daar prins karnaval op te zetten en die zou dan 20 door de zalen rijden. Nou heb ik helemaal geen verstand van olifanten, maar het blijkt dat het kuddedieren zijn en ze gaan erg aan elkaar wennen. Dus wat doet Boltini. In plaats Van één olifant waar ik om had gevraagd stuurt-ie drie van die beesten. Daar stond ik dan.

Die beesten kregen we met veel pijn en moeite in de hal van Kras en daar moesten ze even wachten omdat prins karnaval er nog niet was. Die beesten zagen het helemaal niet zitten en ze werden een beetje narrig. Als een olifant kwaad wordt gaat-ie met z’n poten heen en weer. Net of ze dansen weet je wel. Ik kreeg de zenuwen want ik dacht dadelijk gaan ze zo met z’n drieën door de vloer. Boltini had met die drie olifanten ook een oppasser meegestuurd maar die man sprak alleen spaans en ik helemaal niet. Ik denk als je die beesten nou wat lekkers geeft houden ze misschien wel op met dat gewiebel. Maar ja, wat geef je een olifant. Worteltjes had ik in ieder geval niet bij me. Enfin ik ben de zaal in gegaan en heb net zo lang gezocht tot ik iemand had gevonden die Spaans sprak en wij naar die oppasser toe. Hij zei dat er niets aan de hand was en dat z’n drie schatjes alleen wat nerveus waren vanwege de andere omgeving. Ze bleven maar huppelen en ik kreeg steeds meer de zenuwen. Wat was er namelijk ook nog gebeurd. Veronica zou de hele boel verzekeren. Dat leek me wel handig als zo’n olifant schade aan derden zou aanrichten. Ik ging nog even informeren of dat allemaal in orde was en toen bleek dat iemand het helemaal had vergeten. Daar stond ik dan. Ik durfde met die huppelende dingen de zaal niet meer in want ik zag zo’n beest al door de vloer gaan… Die oppasser zei dat het helemaal geen probleem was en dat die olifanten als ze eenmaal op gang waren zich netjes zouden gedragen. Die man heeft er verstand van, dacht ik, laten we het maar proberen. Prins Carnaval en de raad van elf waren intussen ook aangekomen maar de prins durfde voor geen geld op zo’n beest.
Nou zat er in die raad van elf een hele dappere man die het best leuk vond om boven op zo’n olifant door de zaal te rijden. Met heel veel moeite hebben we die vent er op gekregen en vijf seconden later lag-ie in de andere hoek van de hal. Ik zeg via die tolk van me tegen de oppasser weet je nou wel zeker dat die beesten geen paniek maken in de zaal, want ik zag het helemaal niet meer zitten en ik zat er al aan te denken hoe we die beesten binnen de kortste keren weer buiten konden krijgen. Maar er is allemaal niks aan de hand senor de Bois, prima prima, senor de Bois. Ik zei, prima prima maar ik zet er niemand meer op. Goed de boerenkapel voorop, daar achter de raad van elf en daar achter de drie olifanten met een feestmuts op. Nou was er een babyolifantje bij en die had er wel lol in. Dat bleek later ook. We waren met het eerste rondje bezig toen hij bleef staan en z’n slurf in een glas bier stak van een dronken man. Die wist niet wat-ie zag. Hij was op slag nuchter. Ik dacht als die drie rakkers straks weer gaan staan wiebelen laat ik een groot vat bier aanrukken en laat ze die leegdrinken dan zakken ze vanzelf naar beneden.