Posts Tagged ‘Luikinga… Jongetje wat doe je daar?’

Will Luikinga

Thursday, May 6th, 2010

will luikinga, will wil wel, jongetje wat doe je daar

De in Groningen geboren Will Luikinga (30 juli 1943) is al in zijn jeugd verslingerd aan muziek. Op zijn tiende leert hij saxofoon spelen, gevolgd door de klarinet, piano en dwarsfluit. Al snel weet hij die voorliefde te combineren met een passie voor media; hij studeert aan het Instituut voor Perswetenschappen en werkt als redacteur voor muziekbladen als Muziekparade en Televizier. Maar na een jaar of drie besluit hij zich volledig op zijn carrière als muzikant te storten. Hij is onder meer lid van de groep Roecks Family (later Ginger Ale), die in 1969 een hit scoort met het nummer The Flood.

Zodoende wordt Will een veelgeziene gast in de Veronicastudio. Tijdens zijn bezoekjes blijft zijn basgeluid niet onopgemerkt en na een stemtest laat Rob Out de Ginger Ale-saxofonist plaatsnemen achter de radiomicrofoon, in augustus 1969. Amateur diskjockey is hij nooit geweest, maar als de zeezender een nieuwe diskjockey nodig heeft omdat ze in de weekeinden ook ’s nachts gaat uitzenden, heeft Luikinga een vaste aanstelling te pakken. Iedere vrijdag-, zaterdag- en zondagnacht van 2 tot 6 uur presenteert ‘Will Weyman’ het programma Nachtklup. Daarbij runt het multitalent ook de Veronica persdienst; hij verzorgt documentatiemateriaal en onderhoudt het contact tussen Veronica en de luisteraars.

In 1970 maakt de legendarische radioshow Will wil wel zijn debuut. Tot en met 1997 – de laatste jaren op Radio 538 – weet dit middagprogramma de luisteraars te vermaken met plaatjes, praatjes en quizjes. Luisteraars die het geluid van een spruitje of schemerlamp moeten nadoen; niets is Luikinga te dol. Door de jaren heen brengt de jolige radiomaker slechts kleine veranderingen aan, zoals het postcodespel en de fruitautomaat Harry. Maar de rasdiskjockey kent de kracht van de herhaling; jarenlang gebruikt hij de stokoude jingle ‘Luikinga, Luikinga… Jongetje wat doe je daar?’

Will Luikinga Als in 1971 het eerste Veronica Blad verschijnt, schrijft Luikinga zijn eerste Will wil wel column, wat hij bijna dertig jaar volhoudt. Sommige mensen werden alleen lid van de gids vanwege zijn column! Optreden voor publiek zit Luikinga echter ook nog steeds in het bloed. Naast radio maken en schrijven doet hij jarenlang enthousiast mee aan de Veronica Drive-In Shows, en ook voor het Veronica voetbalelftal zet hij zich fanatiek in.

Als de zeezender in 1974 uit de lucht gaat heeft Luikinga genoeg te doen. Hij is producer van The Buffoons en van ene Leen Huyzer, de Rotterdamse monteur die doorbreekt onder de naam Lee Towers. Ook schrijft hij songteksten, zowel voor zijn eigen band (de nummers Get yourself a ticket en The Flood) als voor andere artiesten, bijvoorbeeld Papa was a poor man voor Jack Jersey (1974) en Verliefd verloofd getrouwd voor Frank en Mirella (1973). In 1975 wint het door Luikinga geschreven liedje Ding-a-dong van Teach-In het Eurovisiesongfestival.

In 1982 is Will wil wel terug op de radio, en als Veronica televisie-uitzendingen gaat maken is Luikinga van de partij. Met twaalf man een radio- en tv-station runnen? “Geweldig!” Hij produceert onder meer De wonderbaarlijke wereld van Will (1977), de satirische show Hollanders waarvoor hij sketches en liedjes schreef, De Patsboemshow (1986-1987), een talentenjacht voor talentloze mensen, Baas boven baas (1988) en Ha die dieren (1991). Het programma De Pyjamaparty (1988) zal Luikinga nooit vergeten: “Alles wat mis kon gaan in deze live uitzending ging mis. Als ik eraan terugdenk, breekt het zweet me opnieuw uit.”

Al met al heeft zeezenderperiode de meeste indruk gemaakt op Luikinga. Hij toont zich een ware Veronicaan: “Ik ben altijd voorstander geweest van vrije radio. Ik regel mijn zaakjes zelf, zonder dat iedereen zich daarmee moet bemoeien. Leve de vrije concurrentie!” Als eind 1992 het commerciële Radio 538 van start gaat is Luikinga dan ook één van de Veronica-dj’s die overstappen. Zijn programma Will wil wel verhuist met hem mee.

Per 1 oktober 1997 stopt Luikinga bij 538; volgens sommigen valt hij buiten de doelgroep van de zender. Zelf wil hij ook wel eens wat anders: “Ik werk inmiddels met technici die nog niet waren geboren toen ik Will wil wel al deed. Ik ben door het programma een soort instituut geworden.” Maar geen afscheidsfeestjes voor Luikinga: “Als ik wil kan ik over twee jaar nog terugkeren…”

Will Wil Wel door de jaren heen
jaren 70

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Jaren 80

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Jaren 90

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Eind 1999 stopt Luikinga ook met zijn column in het Veronica Blad. Hij neemt zich voor een punt te zetten achter zijn mediacarrière, maar al snel zwicht hij voor Radio Gooiland (in 2000) en later maakt hij voor Radio 192, waar “een heleboel programma’s weer klinken zoals vroeger bij Veronica”, weer dagelijks een programma – nu vanuit het Spaanse Benidorm.

De mooiste periode? Dat blijft voor Will Luikinga toch het begin, als hij in 1969 het piratenteam komt versterken. Hij herinnert zich de eerste keer dat hij het schip ziet: “Wat een klein rotbootje, dacht ik, en de studio was een kippenhok.” Maar het kleine clubje had juist zijn charme. “We waren met een paar dj’s, wat meiden van discotheken, een paar op reclame, en de matrozen natuurlijk. Dat is echt het Veronica voor mij. Later, als ik met wat oudere jongens van het schip in de kantine zat, liep er opeens honderd man met een bordje. Geen idee wie het allemaal waren.”

Luikinga leert Rob Out kennen bij het blad Muziek Parade, waarvan hij redacteur is. Out werkte bij een theaterbureau in hetzelfde gebouw. “Een beetje lachen na het werk, je kent het wel. Rob werkte toen al bij Veronica op de Zeedijk, dus ik kwam wel eens in de studio.” Met zijn bandje, Roeck Williams and the Fighting Cats, treedt Luikinga op tijdens de drive-in show. Je hebt een mooie donkere stem, zegt Out op een gegeven moment; geknipt voor de nachtuitzending. Dus stuurt hij Luikinga naar de studio om een paar plaatjes aan te kondigen. “Volgens mij ging dat heel slecht”, herinnert deze zich, maar een week later heeft hij een nachtprogramma.

Tegelijkertijd dient zich een grote kans aan: de instrumentele band Exception wil Luikinga als saxofonist. “Die jongens verdienden vreselijk veel geld, per maand wel drieduizend gulden. Ze waren heel beroemd in Europa, en ik verdiende 250 gulden bij Veronica”, vertelt hij. Achteraf is Luikinga blij dat hij voor Veronica gekozen heeft: “Weet jij nog hoe de saxofonist van Exception heette?”

Aanvankelijk gebruikt Luikinga de schuilnaam Will Weyman. “Dat was niet mijn schuld”, zegt hij snel: “dat had de secretaresse van Rob Out bedacht. Iedereen had een schuilnaam, dus ik moest er ook een. Ik vond het flauwekul.” Dan komt hij met het programma Will wil wel. Even heeft de diskjockey getwijfeld: is dat niet te ordinair? “Maar vanaf toen heette ik gewoon Will Luikinga.”

In de tijd van de grote quizzen zorgt Will wil wel met Harry de gokautomaat voor enige relativering. “Ik maakte van de quiz iets belachelijks. Dat zit eigenlijk in alles wat ik doe: je moet zelf maar uitzoeken of ik serieus ben of dat ik het als grap bedoel.” Niet alle luisteraars hadden dit even goed door. Zo liet Luikinga mensen eens vier autobanden brengen. “Alles deden ze. Ik beloofde in mijn programma eens een prijs aan de eerste die morgen met een koe op het Leidseplein zou staan. De volgende dag stonden er dus twee koeien.”

Die truc probeerde hij ook eens tijdens een radioshow op de huishoudbeurs. De eerste die hier komt met een koe, zou tien muntjes krijgen om te spelen op Harry. Een verontruste directeur liet Luikinga voor het programma begon even langskomen op zijn kantoor. “Die man zat met z’n rug naar het raam. Ik zat tegenover hem en keek zo uit op de binnenplaats van de RAI. Nee meneer, die mensen zijn toch niet gek, stelde ik hem gerust. Op dat moment zie ik een veewagen het terrein oprijden. Er komt een man uit met een stok en een koe. Snel kwam iemand die koe er weer injagen en de auto reed weg. Die directeur zal wel gedacht hebben, wat zit die kerel te lullen. Hij heeft niks doorgehad.”

Het spel met de fruitautomaat is bij toeval ontstaan. ‘Harry’ is afkomstig uit een Engelse kroeg. Toen de penny eruit ging, waren deze gokkasten voor weinig geld te koop. “Je kon ze laten ombouwen voor guldens, dus ik had er één gekocht. Hij werd bezorgd in de studio. Voor de gein gooide ik er een muntje in. De creativiteit begon bij Veronica vaak op de gang, of op de trap.” Luikinga had het apparaat gemanipuleerd, zodat er elke drie keer wat uitkwam. Harry van Doorn, de minister waarnaar de fruitautomaat is vernoemd, was overigens de peetoom van Luikinga’s vrouw. “Ik heb hem dus nog eens beloofd dat ik goed voor haar zou zorgen. Daarna is het een beetje uit de hand gelopen…”

Tegenwoordig staat de gokkast in het Omroepmuseum. Toen hij bij Radio 192 werkte heeft Luikinga Harry nog eens van stal gehaald: “Ik moest allemaal papieren tekenen, dat ik hem heelhuids zou terugbezorgen. Die man zei heel trots: ik heb hem helemaal gerepareerd! Maar zonder die ratels heb je er voor de radio niks meer aan.”

Ondanks hun grote populariteit hadden de Radio Veronica dj’s helemaal niet in de gaten hoe beroemd ze waren. “Joh, je ging gewoon lekker je programma maken.” Luikinga herinnert zich de actie ‘Veronica blijft… als u dat wilt’. “Hebben we op een middag aan boord bedacht. Toen we aan land kwamen bleek opeens heel Nederland op z’n kop te staan. Op het schip was er natuurlijk geen contact met de buitenwereld. Alleen in geval van nood mochten we Scheveningen bellen.”

Mensen herkenden de Veronica diskjockeys bovendien vooral van stem. Dat leverde wel eens problemen op. Luikinga herinnert zich een drive-in show in een grote feesttent op een kermis. Tom Mulder en hij melden zich bij de organisatie, maar krijgen te horen dat ‘iedereen wel kan zeggen dat ‘ie van Veronica is’ en ze komen er niet in. Ondertussen loopt de zaal vol, het begint al aardig te loeien, en de technici draaien de plaatjes. “Stonden wij lekker ergens een biertje te drinken, komt die man er weer aan. Had ‘ie ons toch wel nodig.” Andersom gebeurde het ook dat mensen probeerden gratis binnen te komen. “Dan kwam er iemand naar ons toe: Deze man zegt dat ‘ie Lex Harding is.”

Onherroepelijk naderde dan toch het einde van de zeezender. Emotioneel? Voor Luikinga niet echt. “Je was erop voorbereid”, vertelt hij, “er was al zoveel emotie geweest het jaar ervoor. 18 April heb ik op het Malieveld gepresenteerd, ontzettend leuk vond ik dat.” De laatste uren maakt hij niet aan boord mee, maar in de studio. “Het laatste uur kwam er een bommelding en zaten we uiteindelijk in de tuin van het Laapersveld bij een autoradio naar dat laatste gedeelte van Radio Veronica te luisteren.”

Ook aan Veronica’s publieke omroepperiode bewaart Will warme herinneringen, met name aan de zomertours langs de Nederlandse campings. “We begonnen met een klein uitklapbaar karretje. De laatste jaren gingen we met een grote crew en zo’n megatruck op pad, met artiesten als Albert West, Bartje Boos en Nico Haak. Iedereen bleef overnachten; dolle pret.”

Luikinga is één van de weinige dj’s die voor de VOO ook televisie gaat maken. “Ik moest natuurlijk weer een quiz doen. Tijdens het monteren zagen we dat de opnames verschrikkelijk waren. Het kon echt niet.” Hij besluit het maar eerlijk aan Rob Out te vertellen. Die avond neemt Luikinga plaats voor de camera, zegt dat hij een quiz heeft gemaakt, maar dat die te slecht is om uit te zenden: volgende keer beter. Veronica had altijd een noodgreep als er iets mislukte; dan werd er gewoon een popconcert uitgezonden. “Dat was helemaal niet normaal in Hilversum!”

“Op een gegeven moment kreeg je nachtfilms in het weekend. Elke omroep moest die na z’n normale programmering aan- en afkondigen. Out wilde dat we dat allemaal probeerden, en als je het aardig deed moest je het maar blijven doen. Ik vond dat helemaal niks. Dus toen ik in dat hokje zat en het rode lampje ging branden, deed ik helemaal niets. De regisseur begon wild te gesticuleren. Na een minuut of twee zei ik: ‘Mij hoor je niet vanavond’. De volgende dag moest ik bij Out komen. Eruit, zei hij. Ach, hij heeft me wel tien keer ontslagen.”

In 1975 schrijft Luikinga het winnende liedje voor het Eurovisiesongfestival, Ding-a-dong. “Dat was lachen”, vertelt hij. “We stonden zo ver voor dat het allang zeker was dat we gingen winnen, maar het duurde heel lang voor ik het besefte.” Tegenwoordig vindt Luikinga het festival niet zo leuk meer. “Het was de laatste Elfstedentocht. Ik vind dat ze gewoon met klompen aan de vogeltjesdans moeten doen.” Dat het ook een kwestie van geluk is erkent Luikinga wel: “Een liedje dat ik later schreef was tien keer zo goed en dat kreeg nul punten.”

Vaste prik op zondagavond was bijna dertig jaar het schrijven van de column voor het Veronica Magazine. Waar haalt Luikinga zijn inspiratie vandaan? “Mensen zeggen altijd: wat beleef je veel, ik beleef nooit wat. Dat is onzin. Iedereen maakt dingen mee, maar pas als je een column schrijft ga je het als onderwerp zien.”

Diskjockey, televisiemaker, muzikant, columnist… Hoe ziet Luikinga zichzelf eigenlijk? “Ik ben waar ik op dat moment mee bezig ben. Ik heb ook periodes dat ik me het lazarus loop te filmen en dagen achter de pc zit te knippen en te plakken. Dan sta ik op het punt om een hele dure camera aan te schaffen en opeens is het afgelopen. Dan ken ik het kunstje.”

Hoewel hij met het Veronica van nu niet meer zoveel heeft, blijft het Veronicagevoel Luikinga zijn hele leven bij: “Je voelt je toch een beetje verbonden met elkaar. Als ik mensen van vroeger tegenkom hebben we het meteen weer heel gezellig. Maar dan hebben we het eigenlijk nooit over meer Veronica.” Volgens Luikinga gaat het dan ook meer over een periode dan over het station: “Wij waren flowerpower, vrijgevochten idioten allemaal. Een heel andere cultuur dan nu. Veronica paste precies in die tijdgeest. Dat mensen je en jij zeiden, dat was helemaal nieuw. Ik kon ook gewoon zeggen dat ik de avond ervoor nogal was doorgezakt en hoofdpijn had, en het kalm aan deed vandaag.”

Op die vrijgevochtenheid komt Luikinga even later terug. “Er werd gewoon hard gewerkt. Je kon doen wat je wilde, als het programma maar op tijd af was. Het was niet zo’n losgeslagen zooi als iedereen denkt.” Uiteindelijk ging het erom dat je jezelf was, besluit hij. Het duurde wel een jaar voordat hij dat kon. “In het begin schreef ik m’n teksten van tevoren en die las ik dan op. Maar dat was helemaal niet de bedoeling. Als je niet jezelf bent val je onherroepelijk door de mand, en dat geldt voor het hele leven. Dat heb ik geleerd bij Veronica.”

Op zijn zestigste besluit Luikinga voor de tweede keer dat het mooi is geweest, maar opnieuw blijkt dat ‘Will wel weer wil’. Op 20 juni 2005 maakt hij zijn tweede radiocomeback op het Nederlandse ‘oldies’ station XtraFM aan de Spaanse Costa Blanca, wederom met zijn oude succesformule. Ook schrijft hij af en toe weer een column voor het meest gelezen Nederlandstalige blad van de costa, De Week. Om af te sluiten met de slotzin die Luikinga zelf meer dan twintig jaar gebruikte: “Rij en radio voorzichtig, denk aan mij!”