Posts Tagged ‘Ballenboot’

De Norderney

Tuesday, May 18th, 2010

Zendschip Veronica op wachtlijst Scheveningse Haven
Een ligplaats voor het voormalige Veronicaschip Norderney in de Scheveningse Haven is mede afhankelijk van de komst van het Nationaal Popmuseum naar Scheveningen. De Gemeente Den Haag onderzoekt op dit moment zowel de financiële als verkeerskundige haalbaarheid van de ‘Popexperience’. Dit najaar neemt de Gemeente een besluit over verdere uitwerking van het plan. Het stadsbestuur vraagt nu al aan de initiatiefnemers om bij het eventueel verder uitwerken van het plan een ligplaats voor het voormalige Veronicaschip op te nemen. In maart van dit jaar vroeg de de gemeenteraad al of een ligplaats dichtbij het Nationaal Popmuseum in de Scheveningse Haven tot de mogelijkheden behoort.

Will Wil Wel Norderney
“Hoe ging dat nou vroeger bij jullie aan boord? Hadden jullie ook contact met de mensen aan wal”,
vroeg een aardige mijnheer die naast me in de trein zat en mij net de wonderen van een Iphone had laten zien. “Nauwelijks”, volgens mij was er een soort korte golfzender aan boord voor berichten van schepen en een verbinding met Radio Scheveningen, maar die mocht je alleen in geval van nood gebruiken. Dus niet even aan je vrouw mededelen dat je vrijdagavond om zes uur binnen vaart in de haven van Scheveningen. “Wat ongezellig”, zegt de man. “Ik weet nog dat ik nooit iets verstond van de berichten die de schepen onderling doorgaven. Ik zat er bij en ik keek er naar als ze aan de gang waren.” Moet je, je voorstellen. Kopje koffie in je hand, boek er bij en dan hoorde je… “Ja hier Arie van de Veronica. Ik heb jullie bericht begrepen. Over.” En dan een heleboel gepiep en gekraak en vervolgens zei Arie… “Dat is goed doorgekomen. Dat is goed doorgekomen Bert. Wij hebben daar nog geen last van gehad maar wie weet komt het nog…. Over.” Weer een hels kabaal waar ik en Arie niets van verstonden. “Dat is oké, dat is oké van het zelfde, over en sluiten!” Soms hadden ze hele gespreken over de voetbaluitslagen of het weer in de buurt van Engeland zonder dat ik er iets van begreep. Het enige wat ik luid en duidelijk verstond waren de woorden over en sluiten aan het eind van de conversatie.

“Maar konden jullie dan helemaal niet naar huis bellen”, vraagt de man naast me verbaast.
“Nee”, antwoord ik.
“Wat raar.”
“Ja nu, maar toen was het heel normaal.” We hadden soms wel eens een geheime boodschap na het nieuws. Dan wisten ze aan land wat er aan de hand was maar dat kwam heel zelden voor. Dan zei de nieuwslezer dat de vogels laag over de pap vlogen. Dat betekende dan dat de groente op was en dat een vers biertje ook welkom zou zijn.

“Jullie hadden wel elk uur nieuws. Dat kan ik me nog wel herinneren”.
“Klopt.”
“Maar hoe kwamen jullie daar dan aan?”
“Dat pikten we van de Belgische radio en van de nieuwsberichten van Hilversum.”
“Illegaal?”
“Ja, wat moesten we anders.”
Het ANP was er altijd heel pissig over want die wisten natuurlijk wel dat wij fluitend hun nieuws bewerkten en op Veronica uitzonden zonder dat we een cent betaalden.
“Dat was dus lachen.”
“Ja,want ze konden niets bewijzen tot ze een keer vals bericht hadden.”
Op het nieuws in Hilversum riepen ze dat er op de Veluwe een kippenboerderij in de brand was gevlogen. Een uur later hadden wij dat bericht in onze nieuwsuitzending en toen waren we de pineut want er was dus helemaal geen brand geweest.
“En toen?”
“Weet ik niet”. We hebben wel altijd nieuws gehad dus ik neem aan dat we weer een nieuw truc hadden bedacht. Oom Bull was altijd gek op postduiven.

“Toch raar dat je niet even naar huis kon bellen om te vragen of er nog leuke dingen waren gebeurd.”
“En wat nog erger was dat je bij mooi weer Scheveningen zag liggen .’s Zomers kwam de ballenboot een paar keer per dag langs en dat was helemaal vervelend.”
“De ballenboot? Wat was dat voor boot?”
“Een schip dat vanuit Scheveningen een tripje op de Noordzee maakte met als hoogtepunt een rondje om de Veronicaboot.”
“En dan stonden jullie te zwaaien?”
“Meestal wel werd je een beetje weemoedig als je zag hoe dat schip weer richting Scheveningen koerste.”
“Maar waarom de ballenboot.”
“Ja… Mooi weer. Luchtige kleding. We hadden het ook de borstenboot kunnen noemen. Had je het dan wel begrepen?”

Rij en communiceer voorzichtig, denk aan mij Will

Freek Simon

Thursday, July 16th, 2009

In 1972 vertellen omroepers en technici van het eerst uur van Veronica hoe het er aan toeging. Het is nog twee jaar voordat het doek gaat vallen voor Veronica als zeezender en alweer 12 jaar geleden dat Veronica begon. In die twaalf jaar is er veel veranderd en gebeurt. Lees en geniet mee met de Veronica Story’s van de mensen van het eerste uur zoals zij er in 1972 tegen aan keken.

Je ziet alleen maar water om je heen en dan denk je wel eens wat doe ik hier eigenlijk…

Dat ik hier zit heb ik min of meer te danken aan m’n hospita. Ze had in de krant gelezen dat er een nieuwslezer werd gevraagd bij Veronica. Nou had ik helemaal niets gedaan in die richting want ik was fotograaf. Op de HBS wilde Ik journalist worden, maar ik heb toen een avond gepraat met een man die in het vak zat en die zei tegen mij, je moet er nooit aan beginnen jonge want het is het rottigste vak dat je maar kunt bedenken. Maar goed, ik was fotograaf en ik wilde voor de lol wel eens wat anders. Ik schreef dus een brief en daar hoorde ik helemaal niks op. Ik was het allemaal al weer vergeten totdat Tineke belde en vroeg of ik eens langs wilde komen voor een stemtest.

En toen was het meteen gebeiteld. Ik moest de volgende dag direct aan boord en daar zit ik nu nog. Ik werd trouwens verschrikkelijk ziek die eerste keer. Ik stapte op de Ger Anna en ik dacht nou dat valt best mee, maar toen voeren we nog in de haven. Toen we buitengaats kwamen, zoals dat dan heet, begon het bootje te slingeren en daar lag ik. Helemaal lam, dood en bedonderd. Ze hadden me verteld dat het allemaal beter zou gaan als ik eenmaal op de Veronica zou zijn. Dat was een groter schip en dan schijn je niet zoveel last te hebben van zeeziekte. Omdat de ervaren jongens me dat hadden gezegd bleef ik tijdens de tocht nog een heel klein beetje op de been, maar toen we eenmaal op het grote schip kwamen klapte ik helemaal in elkaar.

Je krijgt namelijk de overgang van het hele snelle schommelen van de Ger Anna naar de langzame deining van het grote schip en dan ben je verloren. Hans Mondt was in die tijd ook nieuwslezer en die moest mij inwerken. Toen ik daar zo voor pampus op de Veronica lag kreeg ik twee zeeziektepillen van hem en dat heb ik geweten. Later ontdekte ik dat je met een kwart tablet nèt goed was en dat je van twee dood en doodziek werd. Ik lag dus ook meteen in bed en toen ik daar zo’n uurtje had gelegen zei Hans, kom het nou maar eens proberen want je kunt daar niet dagen blijven liggen. Ik strompelde dus min of meer door dat schip en ik kwam uiteindelijk terecht bij een schrijfmachine waar ik wat berichten moest uittikken. Ik was zo ellendig dat ik vijf machines zag staan en toen ik er eenmaal achter zat wist ik niet eens meer wat je met zo’n ding moest doen…

Het ging dus helemaal niet en gelukkig had Hans dat ook wel in de gaten en ik mocht weer gaan slapen. De volgende dag was het weer opgeknapt en ik ook een beetje. Het ging steeds beter maar ik heb er nog altijd last van. Niet dat ik nou nog steeds hartstikke zeeziek ben als het slecht weer is, maar je voelt je gewoon wat katterig. Daar heeft iedereen trouwens wei een beetje last van, maar als je nieuwslezer bent sta je er gewoon alleen voor en dan moet je maar zien dat je het redt. Ik kan moeilijk een nieuwsuitzending overslaan omdat ik toevallig net over de railing hang.

Het leven op zee beviel me trouwens vanaf het begin uitstekend. Ik had nooit gevaren en ik was dus een echte landrot, maar daar heb ik geen problemen mee gehad. De eerste maanden heb ik geen mond open gedaan dat weet ik nog wel. Ja, die jongens zaten over dingen te praten waar ik geen bal verstand van had. Die gesprekken gingen over schepen en vissen en er werd nooit iets aan mij gevraagd dus ik zei ook maar niks. Maar zo langzamerhand ga je wat meer zeggen en tegenwoordig vragen ze me of ik misschien zo vriendelijk wil zijn om af en toe m’n mond dicht te houden.

Als je daar zo’n week aan boord zit kun je natuurlijk het gevoel krijgen van opgesloten zijn of heimwee. Daar heb ik nooit last van gehad. We hebben wel eens een jongen aan boord gehad die een week min of meer gek werd van heimwee, maar als je de hele dag bezig bent heb je gewoon geen tijd om je opgesloten te voeten. Als je aan zo’n baan begint denk je ook nou ik heb genoeg tijd om wat te gaan studeren, Ik zit er nou vier jaar en iedere keer als ik naar boord ga denk ik, god laat ik wat boeken meenemen dan kan ik die fijn lezen, daar komt nooit wat van! Ik wilde eigenlijk rechten gaan studeren, maar dat kun je wel vergeten. Je bent, zoals ik al zei, de hele dag bezig en als je dan ‘s avonds klaar bent kijk ]e nog wat naar de teevee en dan kruip je maar je kooi in. Misschien komt het door de zeelucht, maar je slaapt daar als een roos.

In feite is mijn baan een vrij rustig kantoorleven. Die verhalen van vroeger dat koks met bakken aardbeien tegen het schot vlogen maak je niet meer mee. ‘s Zomers is hel best lekker aan boord. Als het goed weer is lig je aan dek op een matras met aan de ene kant een flesje zonnebrand olie en aan de andere kant een flesje bier en dan valt het allemaal nog wel mee. Alleen gebeurt dat niet zo vaak want als het aan de wal prachtig weer is, waait het bij ons en dan is het meestal wel een paar graden kouder. Als er geen wind is sterf je vaak van de vliegjes, aan dek is het dan een zwarte massa, dan kun je maar beter niet gaan liggen zonnen. Er is eigenlijk altijd wel wat, of het waait of het is te koud of het sterft van de vliegen.

Ik vertelde je net dat ik nooit het gevoel heb gehad dat ik opgesloten zat, maar ‘s winters is het wel eens moeilijk als je aan boord zit. Binnen is het lekker warm en buiten sterf je van de kou. ]e stapt niet zo maar even gauw naar buiten omdat je binnen meestal in lekkere makkelijke kleren loopt en je begrijpt zelf wel dat je je voor een paar minuten dek niet zo gauw helemaal in winterkleding steekt. Zo’n week aan boord duurt in de winter vaak verdomd lang. Je vaart niet en je ligt daar maar. De kunt de wal helemaal niet zien en je bent eigenlijk van god en alleman verlaten. Gelukkig heb je dan je werk en dat is dan maar goed ook anders zou het helemaal een eeuwigheid duren voordat die week om was.

Je ziet tenslotte alleen maar water om je heen en dan denk je wel eens wat doe ik hier eigenlijk, waar ben ik in godsnaam aan begonnen. Als je dan weer een week opgaat en je stapt in Scheveningen aan boord van de Ger Anna is de stemming niet zo van hoera daar gaan we dan weer. Vooral als het een beetje waait en ik voel me wat rottig zie ik het nou niet bepaald zo zitten. Dat gaat dan wel over als je aan boord bent want je moet meteen aan de slag.

Weet je wat rottig is! Als je denkt dat je van boord komt en dan gaat het niet omdat het te hard waait en dan kan de Ger Anna niet langszij komen. Dan sta je klaar met je koffertje, je hebt je hut schoon gemaakt en dan gaat het allemaal niet door. Mijn record is tien dagen, maar dat is eigenlijk niks want in het begin van Veronica is bijvoorbeeld Kootje van leperen zes weken achter elkaar aan boord geweest. Hij heeft me wel eens verteld dat het na zes weken geen moer meer uitmaakt, Als je eenmaal zo’n tijd aan boord hebt gezeten kun je er nog wel een maand tegen aan. Je bent dan over een bepaald punt heen. Ik geloof dat het ook niet zo erg zou zijn als je van te voren wist dat je tien dagen aan boord moest blijven, maar als je je eenmaal op een week hebt ingesteld is het verdomd vervelend als je nog een paar dagen langer moet blijven.

Gelukkig komt dat niet zo vaak voor. Weet je wat ook zo gek is, aan boord is teevee alles hè. We hebben twee toestellen staan maar die gaan dan ook aan bij het testbeeld van zeven uur en blijven branden tot en met Teleac. Ja, het is ons enig contact met een andere wereld. Als je trouwens zo’n week aan boord hebt gezeten en je komt aan de wal sta je wel even te kijken van alles wat daar gebeurt…

Mijn hobby is nog steeds fotograferen en filmen. Ik heb heel wat rolletjes afgeschoten aan boord, maar ja op het laatst heb je alles wat er zo’n beetje te fotograferen of te filmen valt en de laatste tijd ben ik er een beetje mee opgehouden. Ik heb een complete film van het leven aan boord, zoals dat dan heet, en ik moet er eigenlijk nu nog geluid bij hebben maar daar kom je dan gewoon weer niet toe, Je kunt trouwens hartstikke mooie opnames maken aan boord van zo’n schip. In het begin ga je wild aan de slag maar dat gaat er na zo’n vier jaar wel af. Je hele huis hangt vol met afdrukken en negatiefjes en het blijft tenslotte maar dat schip en het grote water wat er omheen zit.

Ik heb wel altijd m’n fototoestel bij me want je kan nooit weten wat er gebeurt. In de zomer komt er nog wel eens wat langs. Zeilbootjes en de rondvaartboten die tochten organiseren langs de piraten. Die rondvaartschepen noemen we de ballenboten en als ze langs komen staan we meestal aan dek om te zwaaien. Je voelt je dan trouwens net een aap In artis. Hoewel, ik vraag me wel eens af wie nou de apen zijn; wij of de mensen die op de ballenboot staan! Vorige week riep een matroos om twaalf uur in de nacht — jongens een muzjekschip. — Wij met z’n allen naar boven en ligt er een groot schip met studenten of zo. Gitaren en accordeons en allemaal liederen zingen voor ons. Hartstikke mooi zo om een uur of twaalf. Je staat er trouwens toch versteld van hoeveel mensen er met een bootje langszij komen om even naar ons te zwaaien. Af en toe zie je ze in een kano…

Gek eigenlijk hè. Toen ik als nieuwslezer bij Veronica begon dacht ik éèn jaar en dan peer ik hem weer. Nou zit ik er vier jaar en.. nou ja voorlopig ga ik nog door. Ik zou geen deejay willen worden. Vroeger werd een nieuwslezer na verloop van tijd deejay maar ik ambieer het helemaal niet. Er is niet zoveel muziek die ik echt leuk vind, ik zou dan ook gewoon willen zeggen van een bepaalde plaat — ik draai hem nou wel maar ik vind het eigenlijk een klere plaat. — Ik ben geen radiomaniak, maar als medium vindt ik het wel erg boeiend, Als je aan boord zit luister je natuurlijk de hele dag naar de zender. Maar je merkt alleen maar dat je luistert als er iets geks of leuks gebeurt. Voor de rest is het een soort achtergrond die je niet in de gaten hebt omdat-ie er gewoon is maar je merkt het onmiddellijk als het ophoudt.

Nee, ik zou wel iets willen doen in het organisatorische vlak. Een actualiteiten rubriek bijvoorbeeld vanaf m’n bureau regelen. Ik hoef niet zo nodig voor de microfoon. Lekker achter de schermen alles regelen en dan zorgen dat je hele eindeloze dingen hebt. Ik vind nieuwslezen zoals het nu gaat nog steeds lekker om te doen hoor, maar je wilt op den duur natuurlijk wel wat meer. Ik ben tenslotte geen zeeman… Nieuwsgaren zit me gewoon in het bloed. Ik heb je al vertelt van die journalist waar ik mee heb gesproken. Anders was ik misschien wel bij de krant terecht gekomen.

Als je nieuws leest moet je er volgens mij altijd voor oppassen dat je je eigen emoties niet mee laat spreken. Soms is dat wel eens moeilijk want er zijn berichten waar ik me rot om lach en er zijn berichten waar ik me ontzettend kwaad om maak. Misschien hoor ie dat af en toe ook wel, maar het is natuurlijk niet goed. Ik probeer in ieder geval om het nooit te laten merken. Je maakt namelijk altijd de fout dat je er van uit gaat dat de mensen tegen wie je spreekt altijd de zelfde mentaliteit hebben als jezelf. Dat klopt nooit.

Dick Klees had wel eens prima grappen. Toen met die luchtvervuiling in Rotterdam zei hij — dames en heren in de buurt van Rotterdam; de gasmaskers mogen morgen op een kier. — Daar kan ik me kapot om lachen, maar een heleboel mensen zien dat niet zo zitten. Dat is natuurlijk wel logisch als je net twee dagen hebt lopen tranen vanwege de stank, maar daar denk je dan op zo’n moment niet aan. Om die ellende nou te voorkomen lees ik het nieuws maar altijd heel netjes op zonder eigen commentaar en dat is geloof ik voor de nieuwsuitzendingen het allerbeste.

De mensen hebben misschien te weinig gevoel voor humor. Nieuwslezen is gewoon een vak. Ik heb er wel eens moeilijkheden mee gehad toen wij dat life programma op zondagavond van zeven tot acht uur deden. De mensen zijn aan een bepaalde toon van je gewend. De zogenaamde nieuws-toon. Als je dan een gewoon programma gaat presenteren begrijpen ze niet dat je de zelfde jonge bent, van — en hier volgt het weerbericht — Maar ja een plaat is geen depressie… Ik ben misschien wel een beetje acteur. Ik ben vrij rustig maar op de middelbare school was er in een toneelstuk een keer een rol van een enorm druk opgewonden baasje. Die rol wou ik graag hebben en ik vroeg aan de regisseur of ik het eens mocht proberen. Hij zag het helemaal niet zitten maar om mij een plezier te doen mocht ik het toch proberen. Na twee minuten had ik hem… En zo ben ik misschien in het dagelijkse leven ook. Ik pas me gewoon aan.