Will Wil Wel: Het legendarische voetbalclubje
Heel lang geleden voetbalde ik nog wel eens. Toen ik tien jaar was in de pupillen van Fc Be Quick in Groningen en veel later in het Veronica-elftal. Dat legendarische voetbalclubje vond zijn oorsprong op een veldje bij een camping in Hilversum waar de ouders van Henk van Dorp de kantine runden . In het begin stonden we met een mannetje of tien tegen een balletje te trappen op het veldje dat eigenlijk bestemd was voor de kampeerders, maar die vonden het leuker om langs de kant naar ons te kijken dan zelf de bal het werk te laten doen.
Langzamerhand kwam er steeds meer liefhebbers bij. Meestal geen balkunstenaars, maar jongens van de gestampte Veronica pot die na afloop en stevig biertje dronken en artiesten zoals George Kooymans van de Earring, Peter Koelewijn en Serge van de Zomer in Zeeland werden spelbepalers en zongen na afloop het hoogste lied!
Stan Haag, die toen bij ons de jukebox presenteerde, wilde als kleine jongen eigenlijk beroepsvoetballer worden en nadat hij zich op een vrolijke zaterdagmorgen bij ons had gemeld als voorstopper, was het uit met de amateurstatus van ons clubje. Binnen de kortste keren zaten we rijkelijk in de Adidas spullen, we speelden in grote stadions voorwedstrijden en werden regelmatig in elkaar getrapt door een plaatselijk café-elftal dat wel eens even wilde laten zien dat die gozertjes van Veronica helemaal niet zo flink waren als op de radio.
Er kwamen strooifoto’s,we reden in een VIP bus, vroegen zwaar geld voor de clubkas, die tot op heden onvindbaar is en onder leiding van Stan Haag werd er twee maal per week getraind met bier toe. In die roemruchte dagen hadden we bij Veronica een uur in de week een Italiaans programma gepresenteerd door Mimmo,een zwierige Italiaanse mijnheer met mooie pakken, superschoenen en een accent.
Hij nam zijn programma altijd ’s avond op, als wij al met een wijntje op de bank thuis zaten en we hadden dus weinig contact met Mimmo. Totdat ……..We geen keeper meer hadden omdat de doelverdediger die bij ons de ballen uit het net haalde in het dagelijkse leven werkzaam was op de Knorr fabriek in Hilversum. Hij meldde zich bijna elke maandagmorgen ziek omdat hij na de wedstrijden in het weekend te veel had gedronken dan wel in elkaar was gebeukt door de midvoor van een elftal dat tegen ons speelde. Hij moest dus kiezen tussen het Veronica elftal of de Knorr en omdat hij ook geen goede stem had,koos het voor het laatste……
Ad Bouman heeft nog twee wedstrijden het doel verdedigd,maar daar zijn we mee opgehouden omdat de stand niet meer op het scorebord paste.
-Voetbal jij ook ?-vroeg Stan Haag toen hij Mimmo op een late avond tegen kwam in de studio.
-Tuurlijk.- antwoordde de Italiaan.
-We hebben een keeper nodig.-
-Ikke goeie keeper.-
-Ben je zaterdag vrij?-
-Zeker.-
-We vertrekken hier om tien uur.-
En na dit historische gesprek hadden wij een keeper waar ieder doelwachter in Nederland een puntje aan kon zuigen .
Goed, hij liet er wel eens eentje door, maar dat ging zo stijlvol en met zoveel tranen en zo’n prachtige snik in de stem als hij gudverdikke zei en de namen van alle Italiaans heiligen die ooit op aarde hebben rond gelopen ten gehore bracht,dat wij blij waren dat er weer een bal achter hem lag. Bovendien was Mimmo altijd gekleed zoals Italiaans keepers in de serie A ! De tegenstanders schrokken soms zo van de professionele outfit van Mimmo dat ze vergaten te schieten als ze voor zijn doel stonden.
Toen de partijtjes steeds heftiger werden en de wedstrijden belangrijker dan de gezelligheid na afloop in de bar, ben ik er mee gestopt. Ik heb het langzaam afgebouwd, want we werden betaald omdat bekende deejays het veld betraden . Maanden nadat ik niet meer mee speelde, huppelde een bijna look a like van mij in het elftal die een snor had, halflang haar en ook niet kon voetballen, dus niemand had in de gaten dat de echte Luik in Laren liep te winkelen…..
Het was een mooie oplossing totdat ik bij Veronica een brief kreeg van een meisje uit Franeker, die het heel leuk met mij had gehad na afloop van de voetbalwedstrijd aldaar en zich afvroeg of ik de volgende week nog langs kwam omdat ze mij graag wilde voorstellen aan haar ouders.
Rij en vrij voorzichtig,denk aan mij Will
Ad Bouman
In 1972 vertellen omroepers en technici van het eerst uur van Veronica hoe het er aan toeging. Het is nog twee jaar voordat het doek gaat vallen voor Veronica als zeezender en alweer 12 jaar geleden dat Veronica begon. In die twaalf jaar is er veel veranderd en gebeurt. Lees en geniet mee met de Veronica Story’s van de mensen van het eerste uur zoals zij er in 1972 tegen aan keken.
Lekker uit het raam hangen en aan een toevallige voorbijganger vraagt of ie een bakkie koffie komt drinken. Kijk, dat is Veronica
Kijk, dat jij mij nou moet hebben voor dat Veronica verhaal begrijp ik al helemaal niet. Nee jonge, ik ben namelijk om te beginnen normaal aangenomen op een advertentie en dat is bij ons al een hele vreemde zaak. Nou ja, normaal aangenomen… Ik had dus een brief geschreven op een advertentie en ik moest langs komen.
Gesprekjes met Karel en toen naar huis. De hele nacht niet slapen, allemaal plannen maken en drie weken later een brief in de bus van, mijnheer Bouman dank voor uw sollicitatie, maar we zijn reeds voorzien. Helemaal nul dus. Maar een paar weken later werd ik gebeld bij de buren, wij hadden thuis geen telefoon, en ze hadden gevraagd of ik Veronica even terug wilde bellen. Ik kreeg Karel aan de lijn en die vroeg of ik nog Interesse had. Ik had wel door die hoorn willen schreeuwen of-ie wel goed bij z’n hoofd was. Jonge ik was helemaal door het dolle.
M’n meisje vond het allemaal maar niks en tegen m’n vrienden zei ik ook niet dat ik bij Veronica ging werken want dat was toen nog zo’n suf station met de zogenaamde betere muziekjes. Geen hits ofzo. Hoewel, ze waren er net een beetje mee begonnen maar het was eigenlijk nog helemaal niks. Goed, ik dus naar Hilversum en ik zie Karel nog zitten achter z’n burootje. Wat wilt u verdienen vroeg-ie. Ik zal nooit vergeten wat ik toen heb gezegd: Dat kan me niet schelen mijn- heer. Daar had ik jaren later nog spijt van. Ik kreeg toch wat natuurlijk en zo was ik dan technikus bij Veronica. Als er toen een technikus werd aangenomen moest-ie een week lang alleen maar rondlopen. Ja jonge. Gewoon een week niks doen alleen maar achter de doorgewinterde jongens zitten kijken hoe het allemaal moest. Kun je je dat nou nog voorstellen? Ik had dus die eerste week gehoord van nou doen we dit en dan doen we dat, en in de tweede week stond ik achter een technikus die bezig was met een programma van Anouska. Het was in studio een en ik zal het m’n leven lang niet vergeten. Ik moest op z’n plaats zitten en hij had me wel tien keer verteld hoe het allemaal in z’n werk ging met de knoppen en het zweet brak me aan alle kanten uit. Ik zat en Anouska keek me aan zei, oh nee dat kan ik niet hoor. Dat niet met jou achter de knoppen. Nou nou nou. We moesten stoppen, en Anouska begon van ja, ik heb niks tegen jou en je lijkt op Tom Jones en fijn dat je hier werkt maar ze kon niet met me opnemen. Ze had in die tijd nog een half uurtje gevarieerd, daar ben ik dan mee begonnen. Ja, dan moest je non-stop een half uur muziek maken want een heleboel programma’s gingen toen nog zo. Het werd op een vrijdagmiddag uitgezonden en ik vond het zelf het einde. Ik ben er speciaal voor thuis gebleven om er naar te kunnen luisteren. Nou, het was helemaal niks.

Ik kwam van Philips in Amsterdam. Daar werkte Juul ook en die had me die advertentie gegeven. Dat was me wel even een overgang van Philips naar Veronica. Tegen een directeur kijk je altijd op nietwaar. Ik vond het zo gek dat ik tegen die mensen oom moest zeggen. Ik zat er amper een maand toen we met z’n allen een sinterklaasfeest gingen vieren. Vroegen ze aan me wat moet jij hebben. Ja, wat moest ik hebben. Ik durfde nauwelijks wat te vragen. Nou reed ik in die tijd op een bromfiets en ik heb toen zo’n ding-dong bel gevraagd. je weet wel zo’n heel groot ding dat ze op bakfietsen hebben. Ik vond het allemaal raar, maar dat komt omdat de sfeer bij Veronica gewoon niet te vergelijken is met de sfeer op andere bedrijven. Ik ben wel blij dat ik het na m’n schooltijd ook eerst nog even anders heb meegemaakt, maar het heeft toch een hele tijd geduurd voordat ik er aan was gewend. In die tijd was Kees Mois nog technikus en van die vogel heb Ik erg veel geleerd dat ging zo van, let op je stopwatch, denk aan de microfoon, staat je plaatjescherp, je voor-afluistering staat nog dicht… Ik werd er helemaal gek van maar achter af is het erg goed geweest. Ik was in die tijd de jongste technikus vandaar dat ze me ook meteen Adje noemden, het was toen nog zo dat ]urg mijn banden door moest luisteren om te kontroleren of ik ook wat verkeerd had gedaan. Ik hoorde hem op een dag toevallig in de gang tegen Karel zeggen, nou het is wel goed maar een beetje te hard. Ik schrok me dood want ik zat er nog maar net. Dus ik de volgende dagen alles heel zacht op de band zetten he, maar het was bijna niet meer te horen dus ik begreep er al geen bal van. Maar goed ik zat bij de radio en dat wou ik voorlopig wel zo houden. Nou, en toen was het te zacht. We hebben later ontdekt dat alle studio’s waar we in werkten onderling totaal verschillend waren wat volume betreft. Als ik in studio een ‘n band maakte en die werd dan afgedraait in bijvoorbeeld drie klonk het hardstikke zacht maar als je dan in studio twee een programma maakte wat je lekker zacht opnam was het in vier weer keihard.
Een keer heb ik wel vreselijk in m’n rats gezeten. Kees van Zijtveld zat voor het eerst bij mij en die zei; zo Adje nou gaan we eens lekker met een stel engelse hits rammen. Da’s goed zei ik maar ik wist bij god niet wat het woord rammen betekende. Na een kwartier heeft Kees me uitgelegd dat rammen zoiets was als praten tijdens het intro en pats boem, na de deejay de muziek er in. Nou, dat zag ik wel zitten dus ik rammen. Op een gegeven moment zat het bij een plaat zo goed dat ik van schrik de knop helemaal open draaide. De naald van de volume me- ter sloeg bijna rond. Ik vond het veel te mooi om het over toe doen en ik dacht laat maar zitten. Die band ging naar boord en een dag na de opname zaten we zo tussen de middag met elkaar te praten en toen zei iemand als je die platen er te hard in ramt knalt de zender uit de lucht dan hoor je niks meer en degenen die z’n banden zo weg heeft gestuurd is nog niet jarig. Wie zou dat nou doen, zei een ander want dat kun je toch precies op je meter zien, ]onge, jonge, ik wilde ter plaatse wel In elkaar storten. Toen dat programma een paar dagen later werd uitgezonden zat ik thuis bij de radio en iedere keer dacht ik o god daar komt die plaat, nou IS het gebeurd met je Bouman. En toen kwam die plaat eindelijk… en toen was er niks aan de hand.
De reclames die nu allemaal op cassette staan hadden wij in de oude studio losse bandjes die keurig op een speeltje zaten in doosjes. Nou, nou, nou… Van elke reklame hadden we maar een bandje en je liep dus de hele dag door het gebouw te hollen om die dingen op tijd in je cel te krijgen. Ik zag hoe die technicie, die er al een tijd werkten het binnen een paar seconden voor elkaar kregen en ik dacht, nou ja dat leer je nooit Bouman, En gek hé, na een paar maanden deed je het net zo vlug en stonden mensen die in de studio kwamen met open mond te kijken. Over mensen die langs kwamen gesproken. De deur stond bij ons altijd gewoon open. Het was heel normaal dat je opeens vijf zes man in je cel had staan waarvan niemand wist waar ze vandaan kwamen en wat ze nou precies in de studio deden. Die mensen kwamen gewoon even binnenlopen en gingen dan na een half uur weg. Als het mooi weer was hingen we tijdens de opnames af en toe uit het raam en als er mensen over de Zeedijk liepen. Het was net een ongeorganiseerd feest in het begin gen we of ze zin hadden in een koppie koffie en dan kwamen ze binnen.
In de zomer van zesenzestig hadden we trouwens een vreselijk leuk spelletje ontdekt. We namen een volle spoel, zetten die op de recorder en stuurden den iemand met het uiteinde in z’n hand de straat op, zo richting Kerkstraat. Die vent liep net zo lang door tot-ie dacht nou is de spoel leeg en dan kwam hij terug naar de studio. En daar begon de pret want wij deden de recorder op terug spoelen. Die koppen van die mensen op straat…
Verrek, ga maar bij je zelf na als Je een band zo voorbij ziet komen terwijl Je nergens iemand ziet die em oprolt. We hebben ons op die manier heel wat uurtjes vermaakt, totdat er op een keer aan het einde van de tape een kerel zat die opeens onder ons raam stond te schelden, Hij vond het geen ma- nier en wet we wel dachten om nou ook op straat de piraten uit te hangen. Die vent schreeuwde zo hard dat we er maar mee zijn opgehouden. Jammer dat in de studio waar we nu zitten geen ramen in de cellen zijn gemaakt die open kunnen, anders waren we er allang weer mee bezig geweest denk ik.
Ja, jij zult wet denken werken die jongens ook nog op de Zeedijk. Maak je niet ongerust hoor. De programma’s zijn altijd op tijd klaar gekomen, maar het kon je niets schelen wanneer Je dat moest doen. Als het mooi weer was zei je gewoon, we gaan eerst maar eens lekker aan het strand liggen en dan maken we vanavond die uren wel. Er was wel Iets op een bord met verschillende kleuren strookjes, maar daar trok niemand zich wat van aan en trouwens Willem die het allemaal moest regelen was kleurenblind, dus dat zat wel goed. Ik weet nog goed dat er opeens een toep-manie was op Veronica je kon niet in de studio lopen of ze zaten te toepen. De hele dag door. Dat moest Je dan zelf weten, als Je programma maar op tijd klaar was en dat gebeurde altijd en hoe laat het werd was niet belangrijk. Ik heb een paar weken geleden gelezen dat Dick de Bois vertelde over die eerste drive in show die we maakten bij van Dijk in Loosdrecht maar ik zal nooit vergeten wat er allemaal voor die tijd Is gebeurd. We hadden dus besloten om zo’n discobar in elkaar te zetten, maar niemand wist hoe het nou precies moest. Dat werd een ellende want iedereen dacht dat-ie het juiste systeem had ontdekt en als het dan helemaal voor elkaar was kwam er weer een ander die het nog beter wist. En als we dat dan weer wilden maken kwam er iemand die de pest in had omdat we hem helemaal niet hadden gevraagd wat hij er van dacht. Maar goed, op een gegeven moment was het hele geval dan klaar. De huistimmerman van Veronica had zo’n barretje gebouwd en wij hadden de versterkers er in gemaakt met de draaitafels en de mengpaneeltjes. De discobar was dus klaar, maar waar moest je zoiets uitproberen. Om daar nou speciaal een zaaltje voor te huren zagen we niet zo zitten en toen kwam er Iemand op het linke idee om het hele geval dan maar op het binnenplaatsje van de studio te installeren en het in de buitenlucht uit te proberen. Wij net zo lang wachten tot er een mooie dag zonder regen werd voorspeld want we waren natuurlijk als de dood dat het hele geval nat zou worden, en dan zou het gebeuren.
Goed, het zonnetje scheen en daar ging het hele geval naar buiten. De timmerman kwam er bij voor geval dat er iets niet klopte en na heel veel gevloek en geschreeuw stond onze eerste discobar dan op de binnenplaats. Iedereen er omheen en we waren trots…! Als Je met dat zelfde zootje ongeregeld nu moest werken, zouden de bierflessen om je oren vliegen, maar In die dagen was het helemaal te gek. We hebben een paar platen gedraaid en we dachten ziezo, de mensen tot in Utrecht kunnen horen dal wij een discobar hebben, üonge jonge wat vonden we het allemaal hard. Er zaten geloof ik acht zuiltjes bij. Dat was wat hoor. Die dingen moes- ten we in de zalen aan de muren spijkeren en met grote kabels doorverbinden. Na die eerste proefshow bij van Dijk gingen we een weekend naar Texel. Daar had je een zaal met een bühne waar gordijnen voor hingen. Wij waren de hele middag bezig geweest om de boel klaar te zetten en de gordijnen van het toneel hadden we dicht- gedaan. Om acht uur ging het: tatatataraboem! Gordijn open en wat denk je. Bijna twee duizend man die alleen maar stonden te staan. Niemand wilde er dansen want ze keken hun ogen uit. Willem was toen deejay en die wist ook niet wat-Ie er mee aan moest. Na een half uur is-ie maar polonaise muziek gaan draaien en toen was het voor elkaar. Nee, toen waren we allang niet meer dat suffe station waar ik In het begin kwam werken. M’n vriendjes waar ik het eerst niet aan durfde vertellen kwamen allemaal langs want zo’n baantje zagen ze eigenlijk ook wel zitten. Dat kwam natuurlijk ook omdat Juul bij ons was gekomen en ze dachten dat gaat goed, misschien hebben ze voor ons ook nog te doen. Ik heb thuis nog een heleboel oude banden van de uitzending uit die jaren. Die draai ik ’s avonds thuis nog wel eens, ik weet het niet, maar als ik dan zo zit te luisteren komt die sfeer van de zeedijk weer helemaal bij me terug. Ik heb er geen heimwee naar hoor, want we zitten hier in de nieuwe studio, zoals wij dat dan nog altijd noemen, geweldig, maar toch, zo lekker uit het raam hangen en dan aan de mensen die toevallig buiten lopen vragen of ze even een bakkie koffie komen drinken zou ik best weer een tijdje willen.
De Veronica Drive-In Show, Monument in de popgeschiedenis
Radio komt naar je toe met de Veronica Drive-In Show! Vanaf 1965 komen Willem van Kooten, Jan van Veen, Ad Bouman en de rest talloze Nederlandse café’s, discotheken en pleinen onveilig maken. Uit de bestelbus met het Veronica-logo rollen draaitafels, mengpaneel, versterkers en speakers, de diskjockeys zorgen voor een paar kisten met platen. Stekkers erin, schakelaars aan en de show kan beginnen…

Eigenlijk ontstaat de drive-in show als een noodoplossing. In de jaren zestig presenteert Radio Veronica jaarlijks een groots Oranjebal in het Amsterdamse Krasnapolsky hotel. Ook op Koninginnedag 1965 zouden hier diverse nationale en internationale artiesten optreden. Maar als plotseling een groep afzegt zit producer Dick de Bois met zijn handen in het haar en roept de Veronica diskjockeys bij zich. Of ze niet wat plaatjes kunnen draaien en met een microfoon erdoorheen praten, net als op de radio. Binnen een uur staat er een geïmproviseerde mobiele studio op het podium en als Jan van Veen begint met draaien wordt er tot in de kleine uurtjes gedanst.
Mag ik even binnendrijven?
In Amerika bestaan er al wel drive-in shows, maar in Nederland is het een nieuw fenomeen en Veronica vervult een pioniersrol. Er zou een bus komen, met mobiele apparatuur, grote Veronica-borden en een lichtshow. Dit alles moet natuurlijk eerst getest worden, wat gebeurt op een warme septemberdag in 1965 in een stampvolle disco in Loosdrecht. De zenuwen zijn niet van de lucht en de proefvertoning verloopt niet helemaal gladjes, maar de eerste officiële Veronica Drive-In Show op Texel – een doorslaand succes – vindt ongekende navolging.
Oorspronkelijk noemt men het evenement Drijf-In Show, vanuit het idee dat Veronica met de boot het land binnendrijft. Maar als de drukkerij een verkeerde spelling vermoedt en de naam naar Amerikaans voorbeeld verandert in Drive-In Show, wordt die titel maar aangehouden. De ‘192-show’, waaronder het muziekfestijn ook bekend staat, voorziet in de jaren zestig en zeventig in een grote behoefte, vooral ook onder tieners buiten de Randstad. Al in de beginjaren trekken de diskjockeys in den lande ruim een kwart miljoen bezoekers per jaar.
Meisjes
Eindelijk zien de luisteraars de gezichten achter de magische radiostemmen. Dat wil nog wel eens problemen opleveren. ‘Iedereen kan wel zeggen dat ‘ie van Veronica is’, krijgt diskjockey Will Luikinga te horen als hij zich meldt bij de organisatie van de kermis waar hij zou draaien. Ook doen mensen zich voor als Lex Harding in een poging om gratis binnen te komen.
Gevraagd naar hun leukste herinnering, antwoordt menig Veronica-coryfee met ‘de drive-in shows in het land’. De populariteit van de dj’s neemt met deze shows alleen maar toe. “We moesten via de achterdeur vluchten, want er stonden uitzinnige fans. Meisjes, ja”, herinnert Jan van Veen zich. Waar ze met radiowerk niet veel verdienen (je mocht blij zijn als je bij Veronica kon werken) mogen de diskjockeys bovendien met de drive-in shows zoveel binnenhalen als ze kunnen.
Gelikt
In de jaren zeventig volgen andere zenders als Radio Noordzee en Radio Mi Amigo, en ook de VARA en de TROS gaan met eigen shows op tournee door het land. Toch vormen zij nauwelijks concurrentie. Veronica beschikt over de beste drive-in apparatuur van Europa, met een sound en vermogen waarvan zelfs de toiletpot nog staat te trillen. In 1978 introduceert Veronica bovendien een groot videoscherm dat beelden bij de muziek toont. De show valt of staat ten slotte met het vakmanschap van de heren diskjockeys, die van de Veronica Drive-In de gezelligste discoshow van Nederland en België maken.
Ook in de jaren tachtig weet Veronica zich te onderscheiden. “Helemaal gelikt was het”, vertelt ex-Veronicaan Adam Curry, “en dat vonden ze in Hilversum vreselijk.” Maar binnen de kortste keren gebruiken ook de anderen veldtelefoons en limousines om er een echte happening van te maken: “We waren baanbrekend bezig.”
Wat begon als een grap is uitgegroeid tot een echt weekendfenomeen. Het duurt tot diep in de jaren tachtig voor het succes van de drive-in shows langzaam wegebt. De goedgebekte discotheekdiskjockeys maken dan plaats voor virtuoze house dj’s, die met gladde muziekmixen het gesproken woord tot een minimum terugdringen.
Keihard terug!
Sinds juli 2004 is de Veronica Drive-In Show keihard terug van weggeweest. Opnieuw zet Veronica de standaard met ervaren dj’s als Ben Liebrand en DJ Sven, geavanceerde techniek zoals de schermen waarop het publiek behalve videoclips ook zichzelf kan zien, en natuurlijk de beste 80’s, 90’s en recente hits.
Will Wil Wel: Adje Bouman Top Tien (ABTT)
Van de oude hap zie ik eigenlijk niemand meer.
Behalve Tineke en Ad Bouman.
Tinus is veel in Zuid Afrika en Bouman is veel lunchen.
Van dat laatste ben ik ook een liefhebber dus Luiks en de Fred Kaps van de geluidsbanden, hebben ooit afgesproken dat we minstens een keer per maand tussen een en pak-um-beet drie uur, zwaar gaan tafelen, desnoods in een bejaarden tehuis……
Soms lukt het niet om elkaar maandelijks te treffen maar dan hebben we de goede gewoonte om die dagen in te halen en lunchen we drie keer per week want afspraak is afspraak. Ik ben meestal de tel kwijt en Ad heeft ook geen economie gestudeerd en dat heeft het voordeel dat we heel vaak samen rond het middaguur bij elkaar aan tafel zitten te knagen.
-En waar hebben jullie het dan over?- vragen mensen die niet begrijpen wat nou dat gekke Veronica-gevoel is waar je met de maatjes van vroeger, uren over kunt ouwehoeren. Bij Ad en mijn persoontje gaat het over drive in shows, storm aan boord, lange nachten in het Hilversumse, de Huishoudbeurs, mooie zangeressen, feesten in Vollendam en de Adje Bouman Top Tien.
Die Top Tien was de pijler van het Nederlands Muziek Wezen.
De trekker van Radio Veronica.
De redding van de Nederpop.
De lijst der lijsten.
De graadmeter van wat er muzikaal te koop was.
Dankszij die Top tien bleef ons scheepje drijven op de Noordzee.
De ABTT zorgde er voor dat niemand in de gaten had, dat Hilversum drie was begonnen met popmuziek.
De boei van onze commercie.
De hoop in bange dagen.
De wortel en de bijl.
De wekelijkse spiegel van de Nederpop en alle andere pop.
En…… ik durfde in mijn programma te roepen dat ik het helemaal niks nul nadda noppie vond.
Een week na mijn ontboezeming stond er een vrachtwagen voor mijn deur geparkeerd, zodat ik geen zicht meer had op het weidse landschap van de polder in Nijkerk, kreeg ik een dreigbrief, zat er poep op mijn nieuwe Opeltje en werd ik ’s nachts regelmatig gebeld met de medeling dat ik te ver was gegaan. Ad vond dat allemaal heel vervelend. Dat zei hij tenminste……
Tijdens een vergadering van twee personen, te weten Bouman en Luik, besloten we wat aan die ellende te doen. Na lang overleg waren we er uit. Ik kreeg, zogenaamd, de gelegenheid een plaat in zijn top tien te zetten, waar hij dan weer van zou zeggen dat het een wereldnummer was. Daarna zouden we elkaar hoorbaar zoenen in zijn uitzending, give peace a change, draaien en roepen dat we hele goeie vrienden waren.
De plaat mocht ik niet zelf uitzoeken, want Ad je wilde ondanks alles, de baas blijven over zijn top tien! Toen ik een paar dagen later met het zweet in mijn handen naar Veronica luisterde terwijl de ABTT werd uitgezonden hoorde ik ‘mijn keus’.
Een onbekend duo zong
Zijn naam was Keesie
Hij was zo’n aardig beesie.
Jaren later belde Rob Out mij op en zei -We gaan een dierenprogramma doen en dat moet jij presenteren want jij hebt er verstand van. -Ik…… hoezo?-
-Jij hebt toch ooit dat liedje van die dooie hond Keesie geschreven dat in de ABTT heeft gestaan.-
Rij en hadiedieren voorzichtig,denk aan mij Will
Juul Geleick
Tien jaar is Juul Geleick (Hilversum, 27 februari 1947) als hij van zijn vader een radiobouwdoos krijgt. Vanaf dat moment is hij in de ban van antennes, transistors en kristalontvangers. Een paar jaar later bouwt hij met een buurjongen een heuse zender. Bereik: de hele straat… Elektrotechniek studeren, dat lijkt Juul wel wat. Zo belandt hij in de klas met de latere Veronica-technicus Ad Bouman, die al net zoveel radio luistert en óók baalt als ze in Hilversum weer door de intro’s van platen heen zitten te kletsen. Bouman beschikt bovendien over een ‘jaloersmakende’ Philips bandrecorder, waarmee de twee urenlang eigen radioprogramma’s opnemen in Boumans thuisstudio in Amsterdam.
Na hun afstuderen in 1965 mogen de twee aan de slag bij Philips, maar een 9-tot-5 baan zien de jongeheren niet zo zitten. Een advertentie van Radio Veronica; ‘technicus gevraagd’, klinkt beter. Omdat Geleick zijn dienstplicht moet vervullen geeft hij de advertentie aan Bouman (die was vrijgesteld) en ‘Adje’ wordt aangenomen.
Als Geleick al na twee weken de militaire dienst mag verlaten – hij was ‘geen orderopvolger’ – is hij door zijn vele bezoekjes aan de Hilversumse studio al helemaal opgenomen in de Veronica-familie. “Bel Philips maar op dat je niet meer terugkomt”, zegt Willem van Kooten (alias Joost de Draayer), en vanaf dat moment is Juul Geleick technicus bij Veronica. Op 29 november 1967 is zijn eerste officiële werkdag: “Ik was enorm zenuwachtig, opnemen met Joost de Draayer was toch niet niks.”
Zijn meeste radio-uren bij Veronica draait Geleick met Lex Harding. Een opmerkelijk maar gouden duo: “Lex met lange haren, ik keurig kort geknipt, Lex in een witte sportwagen, ik op m’n bromfiets, Lex dronk een biertje en ik een cola. Van hem heb ik geleerd over popmuziek na te denken.” Ook denkt Geleick met genoegen terug aan het opnemen van Sportief zijn beter worden en Help er zit een olifant in de tram met Henk van Dorp. Altijd achter de schermen; een functie als dj of presentator heeft hij nooit geambieerd.
Op 31 augustus 1974 neemt de elektronicus afscheid van “een dierbare”, zoals hij Veronica beschouwt. “De laatste week is door het harde werken, bijna dag en nacht, heel snel voorbijgegaan. Ik heb hem als het ware niet beleefd!” En dat breekt hem later flink op. Pas na vijfentwintig jaar, tijdens de Veronicareünie in 1999, neemt Geleick op zijn manier afscheid. En dat doet hij eigenlijk nog steeds een beetje met de website van de Stichting Norderney, die hij samen met Ad Bouman oprichtte om de geschiedenis van de zeezender Veronica te bewaren.
Na Veronica werkt Geleick nog 32 jaar als producer/regisseur voor de TROS, waarvoor hij gevraagd wordt door ex-Veronicaan Tom Mulder. Tot zijn spijt vertrekken zijn collega’s ‘met zeebenen’ daar echter één voor één. “Bij Veronica was er meer saamhorigheid; ‘met z’n allen ten strijde tegen de overheid.’ We waren ook een stuk jonger, rond de twintig jaar. De TROS was ook leuk, die kwam ook ‘van zee’, maar het was een gevestigde omroep.” Voor hij zich toelegt op het archiveren van Veronica’s zeezenderhistorie, brengt hij ook de geschiedenis van de TROS in kaart.
Sinds 2007 is Juul Geleick gepensioneerd en legt hij zich volledig toe op het beheer van het Radio Veronica-archief. Wat hij heeft met omroepgeschiedenis? “Ik heb wat met geschiedenis in het algemeen. Ik had er op school een 9 voor. En Veronica heeft van al m’n werk de meeste indrukken achtergelaten.” Regelmatig heeft hij nog contact met oud-Veronicacollega’s om zaken na te vragen en te overleggen over spullen die zij ter beschikking stellen. Zijn droom, de jaren zestig nog eens overdoen, komt met het herbekijken en herbeluisteren iets dichterbij.
Ad Bouman
Op de LTS en later de MTS wordt Ad Bouman (30 mei 1947), geboren en getogen in Amsterdam, klaargestoomd voor een carrière als technicus. Die begint hij bij Philips, maar thuis op zolder is de tiener altijd in de weer met bandrecorders, platen en microfoons. Vriend en later Veronicacollega Juul Geleick oppert het idee om te solliciteren bij Radio Veronica, destijds Nederlands enige echte popstation. Niet lang daarna, op 14 november 1965, mag de 18-jarige Bouman beginnen als programmatechnicus.
Zijn moment suprème breekt aan tijdens een avonddienst in februari 1967. De technicus is een uitzending aan het opnemen met dj Jan van Veen, die weinig zin heeft zijn programma af te maken als hij terugkomt van een bespreking in het directiekantoortje. “Zet maar een paar lekkere platen op”, zegt hij vrolijk tegen ‘Adje’, zoals Willem van Kooten hem had gedoopt. Het volgende moment kondigt de dj in een opwelling “de tien favoriete platen van onze technicus Adje Bouman” aan; de ABTT is geboren.
Als de twee het bandje terugluisteren besluit Van Veen, die Boumans voorkeur voor bijzondere platen wel kan waarderen, de ‘Adje Bouman Top Tien’ als vast onderdeel op te nemen in het programma Muziek bij de lunch op de woensdag. De apetrotse Bouman laat zijn eerste bandjes thuis aan iedereen die voorbijkomt horen. Het radiostation wordt overladen met enthousiaste reacties van luisteraars; iedereen wil meer weten over de mysterieuze technicus.
Die volgt in zijn Top Tien geheel zijn eigen smaak; oude liedjes, albumtracks, soms gewoon een vreemd geluidje. Het maakt ‘de meester’, zoals zijn fans hem noemen, mateloos populair. Voor een lunchprogramma acht programmaleider Van Kooten de platenkeuze echter niet zo geschikt en zo ‘promoveert’ de ABTT na een paar weken naar Joost mag het weten op de woensdagavond. Met daarvoor en daarna wat goede platen, zoals de dj wel eens grapte.
Na het vertrek van Van Kooten (alias Joost de Draaijer) blaast Lex Harding de ABTT in 1970 nieuw leven in met zijn programma Lexjo. Er ontstaat een ware cultus rond de ‘krankzinnige’ geluidsexperimenten van Bouman en Harding, regelmatig aangevuld door op cassette ingesproken brieven van luisteraars. De directie vond alles best. In 1977 krijgt Veronica’s populairste technicus overigens een column in de Hitkrant (‘Levi’s Top 10 door Ad Bouman’).
De meester van de mixtafel produceert daarnaast talloze promo’s en (remixen van) jingles voor Veronica, waaronder eind 1978 het fameuze jinglepakket ‘The Power’. “Een intensief karwei”, aldus Bouman, “nog nooit had iemand in Nederland het op die manier gedaan.” De moeite is niet voor niets; het zogenaamde WIND-logo zingt iedereen meteen mee. Samen met de andere technici Juul Geleick en Sytze Gardenier knipt en plakt hij allerlei platen bovendien tot kortere radioversies, die soms ook uitgebracht worden door de platenmaatschappij.
In 2000 komt er een eind aan vijfendertig trouwe dienstjaren voor Radio Veronica. De Meester wordt niet meer ingepland door toenmalige programmaleider Robert Jensen, die met de zender een nieuwe richting wil inslaan waarin Bouman niet meer zo goed past.
Daarop spant de radioliefhebber zich in om samen met Michael Bakker een nostalgisch station met het oude zeezendergevoel van Veronica op te zetten. Op 4 juli 2001 gaat het voormalige Okay FM van Bakker en Bouman de lucht in als Radio 192, naar de eerste golflengte van Radio Veronica. Na een hoogtepunt in 2003 krijgt de zender geen FM-frequentie toebedeeld tijdens de etherveiling en verdwijnt Radio 192 na een paar kunstgrepen van de kabel.
Na een aantal zakelijke toeren start de voormalige geluidstechnicus het internetradiostation LaserRadio. De zender combineert de sfeer van Veronica met eigentijdse muziek. Volgens Bouman, programmadirecteur en dj bij de zender, heeft internetradio de toekomst: “Bij LaserRadio bepalen de dj’s nog grotendeels zelf wat ze draaien. Dat vind je nergens meer. De band met luisteraars is veel groter.” Zijn volledige eigen platenkeuze in de vorm van de ABTT is dan ook terug on air.
Als dj werken was destijds een nieuwe uitdaging voor de geluidsman, en nog steeds krijgt hij er geen genoeg van: “De technische kant blijft altijd boeien, maar met een soldeerbout rondlopen behoort niet meer tot de favorieten.”
Overigens is Ad Bouman één van de initiatiefnemers van de Stichting Norderney, dat het culturele erfgoed van Veronica’s zeezenderperiode beheert. Volgens de man die altijd al veel bewaarde uit de tijd waaraan hij “vele en vele mooie herinneringen” heeft, kan niemand die geschiedenis immers beter beschrijven dan de medewerkers zelf. Ook regelde de oud-Veronicaan al twee keer een reünie van zijn geliefde Radio Veronica.
Veertig jaar na de eerste Adje Bouman Top Tien is op 30 mei 2007 de ABTT-website gestart. Op deze site stelt Bouman muziek, jingels, uitgezonden programma’s, ABTT-lijsten, verhalen en foto’s beschikbaar.
Radio Veronica brengt Nederlandse versie van War of the Worlds
Naar aanleiding van de release van de dvd van de film ‘War of the Worlds’ met Tom Cruise, zendt Radio Veronica op vrijdag 18 november na 27 jaar, de Nederlandse versie van Jeff Waynes ‘War of the Worlds’ weer uit. Deze versie is in 1978 vertaald en geproduceerd door Radio Veronica DJ Bart van Leeuwen. Jan van Veen is de verteller van het verhaal en Patricia Paay, Willem Duyn en Peter Koelewijn zijn de stemmen. Jeff Wayne schreef in 1978 de muziek bij het originele verhaal van auteur H.G. Wells en gaf toestemming aan Bart van Leeuwen en producer Ad Bouman om zijn muziek te gebruiken voor de Nederlandstalige versie.
Na lang speurwerk zijn de banden met de Nederlandse ‘War of the Worlds’ weer teruggevonden. Het hoorspel wordt op veler verzoek op vrijdagavond 18 november vanaf 21:00 uitgezonden bij Radio Veronica.